Beginners' guide (Nederlands)

From ArchWiki
Jump to navigation Jump to search

This template has only maintenance purposes. For linking to local translations please use interlanguage links, see Help:i18n#Interlanguage links.


Local languages: Català – Dansk – English – Español – Esperanto – Hrvatski – Indonesia – Italiano – Lietuviškai – Magyar – Nederlands – Norsk Bokmål – Polski – Português – Slovenský – Česky – Ελληνικά – Български – Русский – Српски – Українська – עברית – العربية – ไทย – 日本語 – 正體中文 – 简体中文 – 한국어


External languages (all articles in these languages should be moved to the external wiki): Deutsch – Français – Română – Suomi – Svenska – Tiếng Việt – Türkçe – فارسی

Template:Article summary start Template:Article summary text Template:Article summary heading Template:Article summary wiki (een meer algemene aanpak) Template:Article summary wiki (veel voorkomende vragen) Template:Article summary wiki Template:Article summary wiki Template:Article summary end

Contents

Voorwoord

Alles wat u altijd had willen weten over Arch Linux, maar nooit durfde te vragen

Welkom. Deze gids zal u stapsgewijs door de installatie, configuratie en het gebruik van Arch Linux helpen. De opzet van een bleeding-edge Linux distributie als Arch Linux vereist enige kennis van UNIX methodologie. Het is hierom dat deze gids niet alleen de vereiste stappen voorlegt, maar ook extra basis informatie biedt voor leken en beginnelingen. Deze gids is geschreven voor nieuwe gebruikers, maar biedt ook een solide bron van up-to-date informatie voor ervaren gebruikers.

Deze gids is vertaald, het origineel (engels) is hier te vinden.

De Arch Linux opzet

  • Ontworpen met eenvoud als hoofdlijn
  • Alle plaketten gecompileerd voor i686/x86_64
  • Vrijwel geen voor-geïnstalleerde software, de keuze is volledig aan de gebruiker
  • BSD-achtige opstart procedure me één centraal configuratiebestand
  • Rolling Release model
  • De Pacman pakketbeheerder is snel en eenvoudig
  • ABS Het Arch Build System biedt compilatie van broncode
  • AUR Het Arch User Repository biedt duizenden scripts voor user-provided software


Deze gids bestaat uit 3 delen:

Deel I: Installatie van het Basissysteem

Deel II: Installatie en configuratie van X en ALSA

Deel III: Installatie en configuratie van een desktop omgeving

DON'T PANIC! ("Geen paniek!")

Het Arch Linux systeem wordt door de gebruiker geassembleerd, vanuit de shell, gebruikmakend van standaard command line tools. Dit is De Arch Manier. In tegenstelling tot de meer rigide structuren van sommige andere distributies en installers, worden er voor u geen standaard omgevingen of configuraties uitgekozen. Vanuit de command line, voegt u pakketten toe vanuit de Arch repositories gebruikmakend van de pacman tool met uw internetverbinding en configureert u handmatig uw installatie totdat uw systeem aan uw eisen voldoet. Deze methode biedt maximale flexibiliteit, keuze, en controle over het systeem vanaf de basis.

Arch Linux is gericht op vaardige GNU/Linux gebruikers die op 'minimale afstand' van hun systeem willen staan.

Licentie

Arch Linux, pacman, documentatie, en scripts zijn auteursrechtelijk beschermd ©2002-2007 door Judd Vinet, ©2007-2008 door Aaron Griffin en zijn gelicenseerd onder de GNU General Public License Version 2.

De Arch Manier

De ontwerpprincipes achter Arch zijn er op gericht het simpel te houden.

'Simpel', in deze context, betekent 'zonder onnodige toevoegingen, modificaties, of complicaties'. In het kort; een elegante, minimalistische benadering.

Enige aandachtspunten:

  • " 'Simpel' is gedefinieerd in technisch opzicht, niet in gebruiksvriendelijk opzicht. Het is beter technisch elegant te zijn met een stijle leercurve, dan gemakkelijk in het gebruik en technisch [inferieur]." - Aron Griffin
  • Entia non sunt multiplicanda praeter necessitatem of "Entiteiten moeten niet onnodig worden verveelvoudigd." - Occam's scheermes. De term scheermes verwijst naar het wegscheren van onnodige complicaties om tot de eenvoudigste uitleg, methode of theorie te kunnen komen.
  • "Het uitzonderlijke van [mijn theorie] ligt in haar eenvoud.. Ik geloof dat de eenvoudige weg de juiste is." - Bruce Lee

Template:Box Note

  • De Arch wiki is een uistekend hulpmiddel en wordt in eerste instantie geraadpleegd bij verschillende kwesties; IRC (freenode #archlinux), en de fora zijn ook beschikbaar als het antwoord hier niet kan worden gevonden.


Welkom bij Arch! Geniet van de installatie, neem uw tijd en veel plezier!

Laten we beginnen.

Deel I: Installatie van het Basissysteem

Verkrijgen van de nieuwste Installatie bestanden

U kunt Arch's officiële archiso bestand hier vinden. De nieuwste versie is 2010.05

  • Zowel de Core installer als de FTP/HTTP-downloads verzien enkel in de benodigde paketten om een Arch Linux basissysteem te creëeren. Merk op dat het Basissysteem geen GUI bevat. Het bestaat hoofdzakelijk uit de GNU toolchain, (compiler, assembler, linker, libraries, shell, en enkele andere nuttige programma's) de Linux kernel, en een paar extra libraries en modules.

CD installer

Brand de .iso op een CD met een brandprogramma naar voorkeur, en ga verder met Opstarten van de Arch Linux Installer Template:Box Note

USB stick

WAARSCHUWING: Alle data zal van uw USB stick worden verwijderd.

Inserteer een lege of vervangbare USB stick, bepaal de locatie, en zet het .img bestand op de USB stick met het /bin/dd programma:

dd if=archlinux-2008.06-[core_or_ftp]-i686.img of=/dev/sdx

waar if= verwijst naar het pad van het img bestand aanwijst en of= naar dat van de USB stick. Let er op dat u /dev/sdx en niet /dev/sdx1 gebruikt.

Controleer de md5sum (optioneel):

Make een notitie van het aantal records (blocks) die worden ingelezen en weggeschreven, en voer vervolgens de volgende controle uit:

dd if=/dev/sdx count=number_of_records status=noxfer | md5sum

De md5sum die u teruggekoppeld krijgt zou gelijk moeten zijn aan de de m5sum van de gedownloade Arch Linux image; zij zouden allebei gelijk moeten zijn aan het md5sums bestand van de mirror van de distributie.

Ga verder met Opstarten van de Arch Linux Installer

Opstarten van de Arch Linux Installer

Plaats de CD of de USB Stick on het systeem en start hiervan op. Soms kan het nodig zijn de opstartprocedure van het systeem aan te passen in de BIOS (zie handleiding van Uw systeem) of op een toets (gebruikelijk is dit DEL, F1, F2, F11 of F12) te drukken tijdens de BIOS POST procedure.

Geheugen vereisten:

  • CORE : 160 MB RAM x86_64/i686 (alle paketten geselecteerd, met swap partitie)
  • FTP : 160 MB RAM x86_64/i686 (alle paketten geselecteerd, met swap partitie)

Kies in het keuzemenu voor "Boot Archlive" of "Boot Archlive (legacy IDE) als U problemen heeft met libata/PATA.

Om opstartopties te wijzigen drukt u op e. Veel gebruikers willen de resolutie van de framebuffer wijzigen om zo een leesbaarder installatieproces te hebben. Hiertoe voegt u toe:

vga=773

Na toevoeging hiervan aan de kernel regel druk u op <ENTER>. U heeft nu een 1024x768 framebuffer ingesteld. Druk op b om op te starten.

Het systeem zal nu starten en een login prompt geven. Hier logt U in met 'root' en <ENTER>.

Aanpassen van de keymap

Als U een niet-US toetsenbord heeft kunt U dit aangeven met dit commando:

# km

of gebruik het loadkeys commando:

# laodkeys layout

(vervang layout met Uw keyboard layout, bijvoorbeeld "nl")

Documentatie

De gids die U nu aan het lezen bent is (in het engels) op het systeem aanwezig. Verander naar vc/2 met <ALT>+F2, log weer in met root en gebruik "less" om het bestand door te lezen:

# less /arch/beginnersguide.txt

less staat U toe het document door te lezen. Verander terug naar het installatiescherm (vc/1) met <ALT>+F1. U kunt op elk moment met <ALT>+F2 en <ALT>+F1 wisselen tussen de installatieprocedure en de gids.

Starten van de Installatie

Start het installer script als root vanuit vc/1:

# /arch/setup 

Selecteer een installatiebron

Na het welkom scherm wordt u gevraagd de installatiebron te selecteren. Kies de juiste bron voor de installer die u gebruikt.

  • Indien u gekozen heeft voor de CORE installer, ga dan verder met Voorbereiden van de Harde Schijf.
  • Enkel FTP/HTTP: u zal worden gevraagd de ethernet drivers handmatig te laden, indien gewenst. Udev is voldoende effectief om de benodigde modules te laden, dus u kunt er van uitgaan dat dit al gedaan is. U kunt dit controleren door in vc/3 ifconfig -a uit te voeren. (Selecteer OK om verder te gaan.)

Configureren van het Netwerk (FTP/HTTP)

Mogelijke netwerkinterfaces worden aangeboden. Als een interface en HWaddr (HardWare adres) vermeld staat, dan is de benodigde module al geladen. Als de gewenste interface niet vermeld staat zal het nodig zijn de module te laden. Dit kan vanuit het installatiescherm, of zelf vanuit een ander virtueel console, gedaan worden.

In het hieropvolgende scherm zal U gevraagd worden om de interface te selecteren. Kies de juiste interface en vervolg.

De installatieprocedure zal nu vragen of U DHCP wilt gebruiken. Als U hier "Yes" selecteert (dit is raadzaam in veel thuisnetwerk situaties) zal de installer dhcpcd gebruiken om een bruikbare gateway te vinden en een IP aan te vragen; als U hier "No" selecteert zal de installer U vragen om zelf een statisch IP, netmask, broadcast, gateway DNS IP, HTTP proxy en FTP proxy in te voeren. Achteraf zullen alle ingevoerde gegevens als controle worden getoond.

Draadloos Snelstart (Wanneer een draadloze verbinding noodzakelijk is tijdens het installatieproces)

De drivers en tools voor draadloze adapters zijn beschikbaar in de installatie-omgeving.

Als U draadloze netwerktoegang nodig heeft is het volgende de basis aanpak:

  • Wissel naar een vrije console, bijvoorbeeld vc/3, met <ALT>+F3
  • Detecteer Uw draadloze kaart en bijbehorende software module met de /sbin/hwdetect tool. De --show-net toevoeging zal een lijst van U bedraade en draadloze netwerk chipsets geven, samen met de bijbehorende driver(s). (Let op dat hwdetect geen drivers voor U zal laden)
# hwdetect --show-net
  • Controleer of udev de module (die U in de lijst van hwdetect net heeft gezien) heeft geladen met /bin/lsmod:
# lsmod | grep <naam_van_de_module>
  • Als dit niet het geval is, laad de module dan zelf met /sbin/modprobe:
# modprobe <naam_van_de_module>

Template:Box Note

  • Controleer of de driver een bruikbare draadloze kernel interface heeft gemaakt met /usr/sbin/iwconfig:
# iwconfig

(Op het scherm zou een beschikbare draadloze interface zichtbaar moeten zijn)

  • Start de interface met /sbin/ifconfig <interface> up.


Een voorbeeld, gebruik makende van een atheros draadloze kaart en de madwifi driver:

ifconfig ath0 up

(Uw draadloze interface heeft mogelijk een andere naam, afhankelijk van de module (driver) en chipset: wlan0, eth1, etc.)

  • Voer de identificatie van het draadloze netwerk in met iwconfig <interface> essid "<naam_van_het_netwerk>" key <de_beveiligings_sleutel>
# iwconfig ath0 essid "linksys" key 0241baf34c
  • Verkrijg een IP adres met /sbin/dhcpcd <interface>:
# dhcpcd ath0
  • Controleer of de verbinding werkt met /bin/ping:
# ping -c 3 www.google.com
  • U bent nu klaar.


Nadat de installatie van Arch Linux compleet is, wilt U Wireless Setup (Engels) doorlezen om een permanente oplossing voor Uw systeem te verzekeren. Deze aanpak levert slechts eenmalig een werkende draadloze verbinding.

Keer terug naar vc/1 met <ALT>+F1. Vervolg de installatie met Voorbereiden van de Harde Schijf

Voorbereiden van de Harde Schijf

WAARSCHUWING: Het partitioneren van harde schijven kan data vernietigen. U wordt ten strengste geadviseerd een backup te maken van belangrijke bestanden.

Controleer de naamgeving en indeling van de harde schijven door /sbin/fdisk met de -l optie.

Open een andere virtuele console(met bijvoorbeeld <ALT>+F3) en voer dit commando in:

# fdisk -l

Noteer de schijven en partities die u wilt gebruiken voor uw Arch installatie.

Ga terug naar het installatie script met <ALT>+F1

Selecteer de opie "Prepare Hard Drive".

  • Optie 1: Auto Prepare

Auto-Prepare verdeelt uw harde schijf in de volhende configuratie:

  • ext2 /boot partitie, standaard grootte 32MB. U wordt gevraagd of u de grootte van de partitie wilt aanpassen naar uw eisen
  • swap partitie, stamdaard grootte 256MB. U wordt ook gevraagd of u de grootte van de partitie wilt aanpassen naar uw eisen
  • Een aparte / en /home partitie, (groottes kunnen ook hier zelf gekozen worden). U kan kiezen uit ext2, ext3, reiserfs, xfs and jfs, maar / en /home zullen hetzelfde bestandssysteem gebruiken als u kiest voor voor Auto Prepare.

Pas op, de Auto Prepare optie zal de gekozen harde schijf volledig formateren. Lees de waarschuwing die de installeerder uw geeft, en controleer dat de goede harde schijf wordt gebruikt.

  • Option 2: (Aanbevolen) Partitioneer harde schijven (met cfdisk)

Deze optie staat een meer gepersonaliseerd partitioneren voor uw persoonlijke wensen toe.

Op dit punt zouden meer gevorderde GNU/Linux gebruikers die al eerdere handmatig harde schijven hebben gepartioneerd door kunnen gaan naar Selecteren van Paketten .

Partitioneren van de Harde Schijven

Partitie Informatie

Het partitioneren van een harde schijf definieert specifieke delen (de partities) van de harde schijf die elk beschikbaar zullen zijn als een aparte schijf. Op deze partities kan een bestandssysteem worden gemaakt (door formattering).

  • Er bestaan 3 typen partities:
  1. Primair (of Primary)
  2. Uitgebreid (of Extended)
  3. Logisch (of Logical)

Primary partities kunnen opstartbaar zijn, er kunnen maximaal 4 primaire partities op een schijf aanwezig zijn. Als een partitieschema meer dan 4 partities vereist zijn wij genoodzaakt om een extended partitie aan te maken. In deze extended partitie is het mogelijk meerdere logical partities aan te maken.

Extended partities zijn niet bruikbaar als schijf, maar zijn slechts een "ruimte" waarin logical partities kunnen worden gemaakt. Als het gebruik van een extended partitie nodig is kan een harde schijf 1 extended partitie bevatten; met hierin een aantal logical partities.

Wanneer we een schijf partitioneren is het goed om te weten hoe de nummering van partities verloopt: Het begint bij de primaire partities sda1-3, gevold door een uitgebreide partitie sda4 met hierin de logische partities; sda5, sda6 etc. Partities op een 2e of 3e fysieke harde schijf in het systeem worden aangegeven met sdb(1, 2, 3 etc) en sdc(1, 2, 3 etc).

Swap Partitie

Een swap partitie is een partitie op de harde schijf, toegewezen als overloop voor het computer werkgeheugen. Het staat de kernel toe dit gebied op de harde schijf te gebruiken als extra werkgeheugen, als de hoeveelheid werkgeheugen in het systeem niet voldoet.

Vroeger gold de regel dat de swap partitie zo groot als 2x de hoeveelheid RAM (werk) geheugen moest zijn. Over de tijd, hedendaagse computers hebben aanzienlijk meer werkgeheugen beschikbaar, is deze regel komen te vervallen. Bij machines met tot 512 MB RAM is het nog nuttig om de 2x regel toe te passen. Bij machines met 1GB RAM, of meer, is het voldoende om een 1x regel toe te passen. Bij erg grote hoeveelheden RAM zouden we zelfs het maken van een swap partitie in het geheel achterwege kunnen laten, al raden wij dit niet aan. In dit voorbeeld zullen wij een 1 GB swap partitie aanmaken. Template:Box Note

Partitie Schema

Een partitie schema is een persoonlijke voorkeur. De keuzes van elke gebruiker zullen afhankelijk zijn van hun specifieke benodigdheden en voorkeuren.

Mogelijkheden voor aparte partities zijn:

/ (root) Het root bestandssysteem is het primaire bestandssysteem waaronder alle overige bestandssystemen vallen. Alle bestanden en mappen verschijnen onder de root map "/", zelfs als deze bestanden of mappen op een andere fysieke schijf zijn opgeslagen.

/boot Deze map bevat de kernel en het ramdisk image, samen met het configuratiebestand voor de opstart software. /boot bevat ook alle data die nodig is voor de kernel begint aan het uitvoeren van "userspace" programma's. Dit omvat bijvoorbeeld opgeslagen master boot record sectoren en sector map bestanden.

/home Gebruiker bestanden en gebruiker- specifieke configuratie voor verschillende software wordt in de home map van gebruikers opgeslagen. Vaak beginnen deze mappen en bestanden met een "." karakter (een "dot file"). Deze bestanden zijn zo gekenmerkt als verborgen. De home map bevat vaak ook favorieten, downloads, muziek en documenten van de gebruiker.

/usr /usr is het secundaire bestandssysteem in de hiërarchie. Het bevat het meerendeel van (meerdere-)gebruikers tools en applicaties. /usr bevat deelbare, alleen-lezen data. Dit betekent dat /usr deelbaar is tussen verschillende systemen en niet mag worden beschreven, dit met enige uitzondering het updaten van het systeem of een stuk software. Alle informatie die systeem specifiek is of met de tijd verandert wordt elders opgeslagen.

/tmp Een directory voor programma's die tijdelijke bestanden gebruiken.

/var Bevat variabele data; administratieve en log data, pacman's cache, de ABS boom, etc. Template:Box Note Het heeft voordelen om aparte partities voor mappen te gebruiken en niet alles in een partitie te combineren:

  • Instelbaarheid: Bestandssystemen die op een aparte partitie zijn gesteld kunnen in /etc/fstab onafhankelijk van elkaar worden ingesteld met een aantal parameters als 'nosuid', 'nodev', 'noexec', 'readonly', etc.
  • Stabilliteit: Een gebruiker of programma kan een bestandssysteem volledig in de war sturen als deze hiervoor schrijfrechten heeft. In zo'n geval kunnen systeem-kritische bestanden op een andere partitie onaangedaan blijven.
  • Snelheid: Een bestandssysteem wat vaak word beschreven zal over de tijd gefragmenteerd raken. (een effectieve methode om fragmentatie te voorkomen is te voorkomen dat een bestandssysteem vol loopt.) Bestandssystemen op aparte partities blijven onaangedaan. Ook kunnen bestandssystemen apart van elkaar worden gedefragmenteerd.
  • Integriteit: Als een bestandssysteem corrupt raakt blijven bestandssystemen op aparte partities onaangedaan.
  • Flexibilliteit: Het delen van bestanden kan versimpeld zijn als aparte bestandssystemen worden gebruikt. Men zou een apart bestandssysteem voor muziek, films, fotos of dergelijken kunnen maken en deze in zijn geheel delen. Zo is media gedeeld beschikbaar en is de rest van het systeem afgeschermd.

In dit voorbeeld zullen we aparte partities aanmaken voor /, /var, /home en een swap partitie. Template:Box Note

Hoe groot moeten mijn partities zijn?

Deze vraag is alleen te beantwoorden op basis van individuele wensen. Als U geen of weinig ervaring heeft met het opstellen van partitieschemas, dan is het simpelweg mogelijk om een partitie voor root en een swap partitie te maken. Hieronder volgt een voorbeeld van een mogelijk opgedeeld partitieschema:

  • Het root bestandssysteem (/) zal in dit voorbeeld de /usr map bevatten. Deze kan redelijk groot worden en is voornamelijk afhankelijk van de hoeveelheid software die wordt geinstalleerd.
  • Het /var bestandssysteem zal, naast andere data, de ABS boom en de pacman cache bevatten. Het behouden van de pacman cache van installatiepaketten is nuttig als afwaarderen (terugvallen op een vorige versie) van een programma nodig is. /var groeit constant; de pacman cache neemt steeds toe naarmate U meer software installeert, maar kan veilig worden geleegd als dit nodig is. 6-8 Gigabyte is een goede richtlijn voor desktop systemen. Server systemen hebben over het algemeen extreem grote /var bestandssystemen.
  • Het /home bestandssysteem is waar gebruikers hun documenten, downloads en multimedia opslaan. Op desktop-systemen is /home vaak met ruime voorsprong het grootste bestandssysteem.
  • Een extra 25% ruimte, toegevoegd aan elk bestandssysteem, geeft ruimte voor onvoorziene zaken en dient als een methode om fragmentatie te voorkomen.

Uit de hieboven genoemde richtlijnen besluiten wij het voorbeeld systeem zo op te zetten: ~15GB root (/) partitie, ~6GB /var, 1GB swap en een /home partitie bestaande uit de overgebleven ruimte op de harde schijf.

cfdisk

Begin met het maken van de primarie partitie die het root, (/), bestandssysteem zal bevatten.

Kies New -> Primary en voer het gewenste formaat in MB voor de root partitie in. Plaats de partitie aan het begin van de schijf!

Definieer verder het type als '83 Linux' met Type. De gevormde / partitie zal in ons voorbeeld als sda1 zichtbaar zijn.

Maak nu nog een primaire partitie voor /var, en stel Type in als '83 Linux'. De gevormde /var partitie zal in ons voorbeeld als sda2 zichtbaar zijn.

Maak vervolgens een swap partitie aan. Selecteer hier bij Type 82 (Linux swap / Solaris). De gevormde swap partitie zal in ons voorbeeld als sda3 zichtbaar zijn.

Maak als laatste een primaire partitie aan voor het /home bestandssysteem. Neem alle overgebleven ruimte en selecteer als Type weer '83 Linux'. Deze partitie zal in ons voorbeeld zichtbaar zijn als sda4.

Voorbeeld:

Name    Flags     Part Type    FS Type           [Label]         Size (MB)
-------------------------------------------------------------------------
sda1               Primary     Linux                             15440 #root
sda2               Primary     Linux                             6256  #/var
sda3               Primary     Linux swap / Solaris              1024  #swap
sda4               Primary     Linux                             140480 #/home

Kie nu Write en typ yes om de wijzigingen op te slaan. Let er op dat dit de aanwezige data op de schijf zal wissen en zal overschrijven met de gekozen configuratie!. Kies Quit om cfdisk te verlaten, ga verder met "Instellen Mountpoints van het Bestandssysteem".

Template:Box Note

Instellen Mountpoints van het Bestandssysteem

Er zal eerst naar uw swap partitie worden gevraagd. Kies de juiste partitie (sda3 in dit voorbeeld). Er zal u worden gevraagd of u een swap bestandssysteem wilt creëeren; kies yes. Kies vervolgens waar de / (root) directory gemount moet worden (sda1 in dit voorbeeld). Op dit moment zal u gevraagd worden om het bestandssysteem type.

Bestandssysteem Typen

Nogmaals, een bestandssysteem type is een zeer subjectieve zaak waarbij het neerkomt op persoonlijke voorkeur. Elk systeem kent zijn eigen voordelen, nadelen, en unieke eigenaardigheden. Hier is een zeer beknopt overzicht van ondersteunde bestandssystemen:

1. ext2 Second Extended Filesystem- Oud, betrouwbaar GNU/Linux bestandssysteem. Zeer stabiel, maar zonder journaling ondersteuning. Kan ongeschikt bevonden worden voor root (/) en /home, vanwege de lange fsck's. Een ext2 bestandssysteem kan eenvoudig worden omgezet naar ext3. Wordt doorgaans als een goede keuze voor /boot/ beschouwd daar een journal weinig toegevoegde waarde heeft.

2. ext3 Third Extended Filesystem- In essentie het ext2 systeem, maar met journaling ondersteuning. ext3 is volledig compatibel met ext2. Extreem stabiel, volwassen, en veruit het meest gebruikte, ondersteunde en ontwikkelde GNU/Linux bestandssysteem.

High Performance Filesystems:

3. ReiserFS - Hans Reiser's high-performance journaling FS gebruikt een zeer interessante methode qua doorvoering van data welke gebaseerd is op een onnconventioneel en creatief algorithme. ReiserFS wordt beschouwd als zeer snel, zeker wanneer het het omgaan met veel, kleine bestanden betreft. ReiserFS is snel met formatteren, maar relatief traag met mounten. Vrij volwassen en stabiel. Er wordt niet actief ontwikkeld aan ReiserFS op dit moment (Reiser4 is het nieuwe Reiser bestandssysteem). Wordt doorgaans als goede keuze voor /var/ beschouwd.

4. JFS - IBM's Journaled FileSystem- Het eerste bestandssysteem dat journaling aanbood. JFS is vele jaren gebruikt in het IBM AIX® OS voordat het naar Linux werd ongezet. JFS gebruikt momenteel de minste CPU bronnen van alle GNU/Linux bestandssystemen. Zeer snel in formatteren, mounten en fsck's, en zeer goede all-around prestaties, zeker in samenwerking met de deadline I/O scheduler. (Zie JFS.) Niet zo globaal ondersteund als ext of ReiserFS, maar zeer volwassen en stabiel.

5. XFS - Opnieuw een vroeg journaling bestandssysteem wat oorspronkelijk werd ontwikkeld door Silicon Graphics voor het IRIX OS en omgezet naar Linux. XFS biedt een zeer snelle doorvoering van grote bestanden en grote bestandssystemen. Zeer snel in formatteren en mounten. Globaal getest als trager met veel kleine bestanden, in vergelijking met andere bestandssystemen. XFS is zeer volwassen en is momenteel het enige stabiele Linux bestandssysteem met de mogelijkheid tot online defragmentatie.

Over Journaling

Alle bovenstaande bestandssystemen, met uitzondering van ext2, gebruiken journaling. Journaling bestandssystemen zijn foutbestandige bestandssystemen die gebruik maken van een journal waarin veranderingen worden vastgelegd voordat ze worden uitgevoerd om metadata corruptie te voorkomen indien er een crash volgt. Merk op dat niet alle journaling technieken gelijk zijn; in het bijzonder, enkel ext3 biedt data-mode journaling, (hoewel niet standaard), wat enkel zowel data als meta-data vastlegt (maar met een flinke snelheidsbeperking als gevolg). De andere bieden enkel ordered-mode journaling, wat enkel meta-data vastlegt. Hoewel alle bestandssystemen in staat zijn uw bestandssysteem in een geldige staat terug te brengen vanuit een crash, biedt data-mode journaling de beste bescherming tegen het corrupt raken van het systeem en het verlies van data maar kan te lijden krijgen van een prestatie degradatie, omdat alle data twee keer wordt weggeschreven (first naar de journal, daarna naar de schijf). Afhankelijk van hoe belangrijk uw data is, kan dit in ogenschouw worden genomen bij het kiezen van uw bestandssysteem type.

Wij gaan verder...

Kies en creëer het bestandssysteem (formatteer de partitie) voor / door yes te selecteren. Er wordt u nu gevraagd om extra partities toe te voegen. In ons voorbeeld blijven sda2 en sda4 over. Kies voor sda2 een bestandssysteem type en mount dit als /var. Kies tenslotte een bestandssysteemtype voor sda4 en mount dit als /home. Keer terug naar het hoofdmenu.

Selecteren van Paketten

Nu slecteren wij de paketten die op het systeem geïnstalleerd zullen worden.

  • Core ISO: Kies de CD als born en selecteer de juiste CD drive als er meer dan een heeft.
  • FTP ISO: Selecteer een FTP/HTTP mirror. Let er op dat archlinux.org is gethrottled tot 50KB/s.
  • 2008.06 installatie media: Paket categorie BASE wordt nu standaard geïnstalleerd.

De selctie van paketten wordt verdeeld in twee gedeeltes. Eerst wordt de basispaket categorie geselecteerd, dan krijgt u de volledige paketlijst gepresenteerd, waar u uw selecties kunt bijstellen. Gebruik de spatiebalk om te selecteren en deslecteren. Kies OK om verder te gaan en kies voorlopig 'yes' bij 'Select all packages by default'.

Het volgende scherm laat u de geselecteerde paketten binnen de geselecteerde categorieën zien.

Template:Box Note

Zodra u klaar bent met het selecteren van de paketten die u nodig heeft, verlaat dan het selectiescherm en ga verder met de volgende stap, Installeren van Paketten.

Installeren van Paketten

Kies vervolgens voor 'Install Packages'. Er zal u worden gevraagd of u de paketten in de pacman cache wilt houden. Als u 'yes' kiest, heeft u de mogelijkheid om in de toekomst paketten te downgraden naar eerdere paketversies, dus dit wordt aanbevolen (u kunt in de toekomst altijd de cache leeg maken). Het installatiescript zal nu de geselecteerde paketten, evenals de standaard Arch 2.6 kernel, op uw systeem installeren.

  • FTP ISO: De Pacman paket manager zal nu de geselecteerde paketten downloaden en installeren. (Zie vc/5 voor output, vc/1 om terug te keren naar de installer)
  • CORE ISO: De paketten worden van de CD geïnstalleerd.

Opmerking: Voor de Arch 2007.08 FTP installatie: na 'Install Packages' moet u pacman upgraden (<ALT>+F3, pacman -Syu) en opnieuw 'Install Packages' doen.

Configuratie van het Systeem

Het nauwkeurig volgen en begrijpen van deze stappen is zeer van belang bij het samenstellen van een goed geconfigureerd systeem.

Op dit punt van de installatie, is het nodig om de primaire configuratiebestanden van het Arch Linux basissysteem te configureren.

De installer zal u vragen of u kiest voor hwdetect om informatie over uw configuratie te verzamelen. Beginners kunnen hier het beste voor 'yes' kiezen.

Gevorderde gebruikers die zeer bekend zijn met hun hardware, benodigde modules, en die er bereid toe zijn handmatig /etc/rc.conf, /etc/mkinitcpio, /etc/fstab, en andere systeemkritische configuratiebestanden van grond af te configureren kunnen hier 'no' selecteren. (Omdat deze optie erg gespecialiseerd en uitermate betrokken is met het systeem en daarom aan deze gids voorbij gaat, wordt dit hier verder niet behandeld.)

Vervolgens wordt u gevraagd of u ondersteuning wenst voor het opstarten vanaf USB apparaten, FireWire apparaten, PCMCIA apparaten, NFS shares, software RAID arrays, LVM2 volumes, encrypted volumes, en DSDT ondersteuning. Kies yes als u dit nodig heeft; in ons voorbeeld is niets hiervan nodig.

Nu wordt u gevraagd welke text editor u wilt gebruiken; kies nano of, indien u er bekend mee bent, vim. U krijgt een menu te zien met de belangrijkste configuratiebesstanden van uw systeem.

Template:Box Note


Kan de installer dit op een meer geautomatiseerde wijze doen?

Het verbergen van het proces van de configuratie van het system is in directe tegenspraak met De Arch Manier. Ondanks dat het waar is dat recente versies van de kernel en hardwaredetectieprogramma's een uitstekende hardware ondersteuning en auto-configuratie bieden, presenteert Arch de gebruiker de mogelijkheid om continu configuratiebestanden tijdens de installatie aan te passen teneinde transparantie en systeembronnen beheersing te bereiken. Tegen de tijd dat u deze bestanden heeft aangepast aan de hand van uw specificaties, heeft u zich de eenvoudige methode van het handmatig configureren van een Arch Linux systeem eigen gemaakt en bent u beter bekend geraakt met de basisstructuur, waardoor u beter in staat ben om uw nieuwe installatie productief te kunnen gebruiken en onderhouden.

/etc/rc.conf

Arch Linux volgt de *BSD traditie in het gebruiken van /etc/rc.conf als de hoofdlocatie voor de systeemconfiguratie. Dit ene bestand bevat een grote hoeveelheid configuratie informatie, voornamelijk gebruikt tijdens de opstartprocedure. Zoals de naam inpliceert, bevat het bestand ook instellingen voor de /etc/rc* bestanden.

  • LOCALIZATION sectie
    • LOCALE=: Dit stelt de systeem locale in, die gebruikt zal worden door alle software met i18n ondersteuning. Een lijst van beschikbare locales is beschrikbaar door het commando 'locale -a' vanuit een terminal te draaien. De standaardinstelling is goed voor US English gebruikers.
    • HARDWARECLOCK=: Specificeert of de hardwareklok, die tijdens opstarten en afsluiten word gesynchroniseert, de tijd opslaat als UTC of localtime. UTC ligt voor de hand omdat het het gebruik van tijdzones en zomer-, wintertijd versimpelt. localtime is nodig als U een dual-boot systeem heeft met een tweede besturingssysteem, zoals bijvoorbeeld windows, wat de huidige tijd alleen opslaat in de hardware klok.
    • USEDIRECTISA: Gebruik directe I/O aanvragen in plaats van /dev/rtc voor hwclock
    • TIMEZONE=: Specificeert de tijdzone waarin het systeem zich bevind. (Alle beschikbare tijdzones zijn te vinden onder /usr/share/zoneinfo/).
    • KEYMAP=: Alle beschikbare toetsenbordindelingen zijn beschikbaar in /usr/share/keymaps. Let op dat deze instelling alleen van toepassing is op de terminal vensters, niet op grafische omgevingen.
    • CONSOLEFONT=: Beschikbare terminal fonts staan onder /usr/share/kbd/consolefonts/ als U wilt veranderen. De standaard instelling (geen) is goed.
    • CONSOLEMAP=: Definieert de terminal map die moet worden geladen door het setfont programma tijdens de startprocedure. Mogelijke maps zijn te vinden in /usr/share/kbd/consoletrans. De standaardinstelling (geen) is goed.
    • USECOLOR=: Selecteer "yes" als U een kleurenmonitor heeft en gebruik wilt maken van kleuren in terminals. Dit heeft geen invloed op kleuren in de grafische omgeving.
LOCALE="en_US.utf8"
HARDWARECLOCK="localtime"
USEDIRECTISA="no"
TIMEZONE="Europe/Amsterdam"
KEYMAP="us"
CONSOLEFONT=
CONSOLEMAP=
USECOLOR="yes"
  • HARDWARE sectie
    • MOD_AUTOLOAD=: Als we dit als "yes" instellen zal udev automatisch hardware tijdens op startprocedure vinden en de nodige modules laden. Zet dit alleen op "no" als U zelf weet welke modules nodig zijn voor Uw hardware.
    • MOD_BLACKLIST=: Deze optie word niet langer gebruikt, zie MODULES=.
    • MODULES=: Specificeer hier MODULES als U weet dat een module mist, (hwdetect heeft, als het goed is, alle van belang zijnde modules voor U ingevuld). Specificeer ook modules die U specifiek niet wil laden met een uitroepteken (!) ervoor. In ons voorbeeld zijn de IPV6 en de vervelende pcspeaker module voorzien van een !, en worden dus niet geladen tijdens de opstartprocedure.
# Zoek naar hardware en laad de modules automatisch tijdens starten
MOD_AUTOLOAD="yes"
# Module Blacklist - niet meer in gebruik
MOD_BLACKLIST=()
#
MODULES=(e100 eepro100 mii slhc snd-ac97-codec snd-intel8x0 soundcore !net-pf-10 !pcspkr)
  • NETWORKING sectie
    • HOSTNAME=: Zo zal het systeem heten op het netwerk, bijvoorbeeld computerjan.
    • eth0= 'Ethernet, kaart 0'. Configureer het IP, netmask en broadcast adres. als U gebruik maakt van een statisch IP. Verander dit in eth0="dhcp" als U gebruik wilt maken van DHCP (van toepassing op de meeste thuissituaties)
    • INTERFACES=: Specificeer hier alle interfaces. Als U niet gebruik maakt van DHCP, onthoud dat dat de waarde van de variabele gelijk zal zijn aan de regel die aan ipconfig wordt toegevoegd als U zelf het apparaat configureert in een terminal.
    • gateway=: Als U gebruik maakt van een statisch IP, ztel dan hier het gateway adres in. Als U wel gebruik maakt van DHCP dan kunt U deze waarde negeren.
    • ROUTES=: Als U gebruik maakt van een statisch IP, verwijder dan het ! voor 'gateway'. Als U wel gebruik maakt van DHCP dan kunt U deze waarde uitgemarkeerd laten met een uitroepteken (!).


Een voorbeeld, gebruik makende van DHCP:

HOSTNAME="arch"
#eth0="eth0 192.168.0.2 netmask 255.255.255.0 broadcast 192.168.0.255" 
eth0="dhcp"
INTERFACES=(eth0)
gateway="default gw 192.168.0.1"
ROUTES=(!gateway)

Template:Box Note

  • DAEMONS sectie

Dit array bevat simpelweg de namen van de scripts in /etc/rc.d/ die moeten worden gestart tijdens de opstartprocedure, en in welke volgorde dit moet gebeuren.

DAEMONS=(@network syslog-ng netfs crond)
  • Als een script-naam voor word gegaan door een uitroepteken (!), dan wordt deze niet uitgevoerd.
  • Als een script-naam voor word gegaan door een apestaartje (@), dan wordt dit script op de achtergrond uitgevoerd. De opstartprocedure zal niet wachten tot het script in zijn geheel if afgerond voor verder te gaan met de rest van de procedure. (nuttig op het systeem te versnellen, maar niet mogelijk bij alle daemons)
  • Pas deze lijst aan als systeemdiensten worden geinstalleerd als het starten van deze diensten tijdens het opstarten gewenst is.

De 'BSD-style' initialisatie is 'de Arch mannier' van doen, waar anderen met vele symbolische links in /etc/init.d mappen werken. Zie ook Veelgestelde Vragen (Engels).

Over DAEMONS

Het is op dit moment niet nodig om de DAEMONS regel aan te passen, maar het is nuttig uit te leggen wat daemons zijn; we zullen ze verderop in deze gids nodig hebben. Een daemon is een programma dat op de achtergrond werkt, wachtend op gebeurtenissen en biedt diensten aan. Een goed voorbeeld is een webserver die wacht op een aanvraag van een gebruiker naar een internet pagina, of een SSH server, wachtend tot een gebruiker in logt. Waar dit volledige programmas zijn, bestaan er ook daemons wiens werk minder duidelijk zichtbaar is. Een voorbeeld is een daemon die berichten naar een logbestand schrijft (bijv. syslog, metalog), een daemon die de processor-frequentie verlaagt als het systeem niet de volledige snelheid nodig heeft (bijv. cpufreq) of een daemon die een grafische login verzorgt (bijv. gdm, kdm). Al deze programmas (daemons) kunnen toegevoegd worden aan de DAEMONS lijn en zullen dan worden gestart tijdens de opstartprocedure. Nuttige daemons zullen in deze gids worden voorgesteld.

Geschiedkundig komt de term daemon van de programmeurs van het MAC project aan de MIT. Zij namen de naam van Maxwell's demon, een fictief wezen van een beroemd gedachten experiement dat voortdurend in de achtergrond werkt. UNIX systemen hebben deze term overgenomen en het backronym disk and execution monitor bedacht.

  • Tip: Alle Arch daemons zijn te vinden in /etc/rc.d/
/etc/fstab

De fstab (dit staat voor file system table) is het deel van de systeemconfiguratie wat alle beschikbare schijven en partities noemt, verder configureert het ook hoe deze moeten worden geïnitialiseerd of in het gehele bestandssysteem moet worden geplaatst. Het /etc/fstab bestand wordt meestal gebruikt met het mount commando. Het mount command voegt een bestandssysteem op een apparaat toen aan het bestandssysteem van het systeem zodat het zichtbaar en berijkbaar is voor de gebruiker. mount -a word door /etc/rc.sysinit, op ongeveer 3/4 van het opstartproces, aangehaald. Dit leest het /etc/fstab bestand om te bepalen welke opties in acht moeten worden genomen als de gespecificeerde apparaten worden gemount. Als de optie noauto in /etc/fstab aanwezig is bij een apparaat, dan zal deze niet automatisch worden gemount tijdens de opstartprocedure.

Een voorbeeld /etc/fstab:

# <file system>        <dir>        <type>        <options>                 <dump>    <pass>
none                   /dev/pts     devpts        defaults                       0         0
none                   /dev/shm     tmpfs         defaults                       0         0
#/dev/cdrom            /media/cdrom   auto        ro,user,noauto,unhide          0         0
#/dev/dvd              /media/dvd     auto        ro,user,noauto,unhide          0         0
#/dev/fd0              /media/fl      auto        user,noauto                    0         0
/dev/disk/by-uuid/0ec-933.. /          jfs        defaults,noatime               0         1
/dev/disk/by-uuid/7ef-223.. /home      jfs        defaults,noatime               0         2
/dev/disk/by-uuid/530-1e-..  swap     swap        defaults                       0         0
/dev/disk/by-uuid/4fe-110.. /var     reiserfs     defaults,noatime,notail        0         2 

Template:Box Note

  • Het eerste veld, <file systems>, beschrijft het apparaat of bestandssysteem op afstand wat moet worden toegevoegd aan het systeem (mount). Voor gebruikelijke mounts vinden we in dit veld een link (gemaakt door mknod wat wordt aangehaald door udev tijdens de opstartprocedure) naar het apparaat of partitie; bijvoorbeeld, '/dev/cdrom' of '/dev/sda1'. In plaats van een directe link naar het apparaat of partitie, geeft de Arch installatieprocedure het te mounten bestandssysteem aan met zijn UUID.

Template:Box Note

ls -lF /dev/disk/by-uuid/

Dit commando zal alle partities op het systeem weergeven met hun UUID


  • Het tweede veld, <dir>, beschrijft het punt in het bestandssysteem waar moet worden gemount. Voor swap partities (die niet zichtbaar zijn in het bestandssysteem) moet dit veld 'swap' bevatten.
  • Het derde veld, <type>, beschrijft het type van het bestandssysteem. De Linux kernel ondersteunt veel verschillende typen bestandssystemen. (een lijst van bestandssystemen die de momenteel werkende kernel ondersteunt, kijk in /proc/filesystems). 'swap' Houdt in dat een bestand of partitie wordt gebruikt als swap. 'ignore' zal ervoor zorgen dat de regel wordt genegeerd.
  • Het vierde veld, <options>, beschrijft de mount opties voor het bestandssysteem op die regel. Het is een lijst van opties, gescheiden door het komma teken. Het bevat tenminste het type mount en additionele opties nodig voor het type bestandssysteem. Documentatie over beschikbare opties is beschikbaar in mount(8). (# man mount)
  • Het vijfde veld, <dump>, wordt gebruikt om te bepalen van welke bestandssystemen een backup moet worden gemaakt. dump is een backup programma. Als het vijfde veld niet aanwezig is wordt een 0 waarde aan dump doorgegeven, waaruit dump opmaakt dat het maken van een backup niet nodig is. Let op dat dump niet standaard beschikbaar is en apart moet worden geinstalleerd.
  • Het zesde veld, <pass>, wordt gebruikt door het fsck(8) programma om de volgorde van controles aan het bestandsysteem te bepalen. Het root bestandssysteem moet aangegeven worden met een <pass> waarde van 1, andere bestandssystemen moeten een <pass> waarde hebben van 2 of 0. Als dit zesde veld niet aanwezig is of een 0 bevat, dan wordt een 0 waarde aan fsck doorgegeven en zal fsck aannemen dat het bestandssysteem niet moet worden gecontroleerd op fouten.
  • Als U van plan bent hal te gebruiken om automatisch verwijderbare media als DVDs, externe hardeschijven en USB pendrives te mounten, dan is het raadzaam om de lijnen voor de cdrom en dvd als 'uit' te markeren (met een # voor de regel) in voorbereiding voor de configuratie van hal. Deze configuratie wordt verderop in deze gids besproken.


Meer uitgebreide informatie is beschikbaar in de Fstab wiki pagina.

mkinitcpio.conf

Het aanpassen van dit bestand is niet nodig op dit moment; de volgende informatie is puur informaties.

Dit bestand staat het U toe om het initiele geheugen (vaak bekend als initial ramdisk of "initrd") te configureren. initrd Is een bestand, ingepakt met gzip, dat word gelezen tijdens de kernel opstart procedure. Het doen van initrd is om het systeem te voorzien van toegang tot het bestandssysteem. Dit betekent dat het modules moet laden die nodig zijn voor apparaten als IDE, SCSI of SATA schijven (of USB/FW als U van USA of FW start). Zodra initrd de juiste modules heeft geladen geeft het de controle over het systeem door aan Arch, het systeem start nu verder op. initrd heeft dus enkel betrekking op modules die nodig zijn voor schijftoegang, niets meer.

mkinitcpio is de volgende generatie van inirramfs creation. Het heeft vele voordelen boven de oudere mkinitrd en mkinitramfs scripts.

  • Het maakt gebruik van klibc en kinit die zijn ontwikkeld door Linux kernel ontwikkelaars als een klein lichtgewicht systeem voor vroege userspace.
  • Het kan gebruik maken van udev voor de autodetectie van hardware, wat het laden van onnodige modules voorkomt.
  • Het hook-gebasseerd init script is makkelijk uit te breiden.
  • Het heeft van zichzelf ondersteuning voor lvm2', dm-crypt voor legacy en luks volumes, raid, swsusp en suspend2, hervatten en starten van USB opslag apparaten.
  • Veel eigenschappen kunnen worden ingesteld vanuit een terminal zonder de noodzaak het image opnieuw te compileren.
  • Het mkinitcpio script maakt het mogelijk om het image in de kernel te voegen, het maken van een alles omvattend kernel beeld is dus mogelijk.
  • Door zijn flexibilliteit is het opnieuw compileren van de kernel vaak niet nodig.

mkinitcpio is ontwikkeld door Aaron Griffin en Tobias Powalowski met hulp van enkele leden uit de Linux gemeenschap

/etc/modprobe.conf

Het is op dit moment niet nodig om dit bestand aan te passen.

  • modprobe.conf kan gebruikt worden om speciale configuratie voor kernel modules in te stellen.
/etc/resolv.conf (for statisch IP)

De resolver is een set van routines in de C bibiliotheek die toegang geven tot het Internet Domein Naam Systeem (DNS). Een van de vele functies van DNS is het vertalen van domein namen naar IP adressen, om het internet gebruikersvriendelijker te maken. Het configuratiebestand voor de resolver, /et/cresolv.conf, bevat informatie die wordt gelezen door de resolver.

  • Als U gebruikt maakt van DHCP, dan kunt U dit bestand veilig negeren, Het zal automatisch worden gemaakt en overschreven door de dhcpcd deamon. U kunt dit gedrag veranderen als U wilt. (Zie Network (Engels)).

Als U gebruik maakt van een statisch IP, stel dan Uw DNS server in. in /etc/resolv.conf (nameserver <ip-adres>). Dit kunnen zo veel zijn als U wenst. Een voorbeeld (OpenDNS, een gratis DNS server)

nameserver 208.67.222.222
nameserver 208.67.220.220

Als U gebruik maakt van een router, dan stelt U waarschijnlijk de DNS servers in in de configuratie van Uw router. U verwijst dan vervolgens naar het IP-adres van de router:

nameserver 192.168.1.1

Als U gebruik maakt van DHCP, dan geeft Uw ISP waarschijnlijk automatisch de configuratie door.

/etc/hosts

Dit bestand verbind IP adressen met hostnames en aliassen, een regel per IP adres. Voor elke hostnaam moet een regel aanwezig zijn met de volgende informatie:

<IP-adres> <hostnaam> [aliassen]

Voeg Uw hostnaam, overeenkomend met wat U in /etc/rc.conf heeft gebruikt, als een alias toe, zodat het er zo uit ziet:

127.0.0.1   localhost.localdomain   localhost uwhostnaam

Template:Box Note

Als U gebruik maakt van een statisch IP, voeg dan nog een lijn toe die er zo uit ziet: <statisch-IP> <hostnaam.domainname.org> <hostnaam> voorbeeld: 192.168.1.100 yourhostname.domain.org yourhostname

  • TIP: Voor gemak is het mogelijk om /etc/hosts te gebruiken voor hostnamen op Uw netwerk of op het internet, voorbeeld:
64.233.169.103   www.google.com   g
192.168.1.90   media
192.168.1.88   data

Het voorbeeld hierboven staat U toe om naar google te gaan door simpelweg 'g' in uw browser te typen, en geeft toegang tot media en data opslap op het netwerk bij naam en zonder de noodzaak om het IP adres van de server op het netwerk uit het hoofd te kennen.

/etc/hosts.deny en /etc/hosts.allow

Pas deze configuraties naar wens aan indien u gebruik wilt maken van de ssh daemon. De standaard configuratie zal alle binnenkomende connecties weigeren, niet alleen ssh connecties. Pas uw /etc/hosts.allow bestand aan en voeg de juiste parameters toe:

  • sta iedereen toe verbinding te maken
sshd: ALL
  • beperk dit tot een bepaald ip
sshd: 192.168.0.1
  • OF beperk dit tot een IP bereik
sshd: 10.0.0.0/255.255.255.0

Indien u geen gebruik wilt maken van de ssh daemon, laat dit bestand dan onaangepast, (leeg), ter behoeve van de beveiliging.

/etc/locale.gen

Het /usr/sbin/locale-gen commando leest /etc/locale.gen om specifieke locales te genereren. Zij kunnen dan door glibc en elk ander locale-bewust programma of library worden gebruikt om "eigenaardige" tekst te kunnen laten zien, weergeven van regionale monetaire waarden, formaat van tijd en datum, alfabetische eigenaardigheden, en andere locale-specifieke standaarden. De mogelijkheid om een standaard locale in te stellen is een groot ingebouwd voorrecht van het gebruik van een UNIX-achtig operating system.

/etc/locale.gen is standaard een leeg bestand met commented documentatie. Eenmaal aangepast, blijft het bestand onaangeraakt. locale-gen draait op elke glibc upgrade, waarbij alle locales gespecificeerd in /etc/locale.gen gegenereerd worden.

Kies de locale(s) die u nodig heeft (verwijder het # voor de regels die u wilt), b.v.:

en_US ISO-8859-1
en_US.UTF-8	

De installer zal nu het locale-gen script uitvoeren, wat de locales genereert die u gespecificeerd heeft. U kunt uw locale in de toekomst veranderen door /etc/locale.gen aan te passen en vervolgens 'locale-gen' uit te voeren als root.

Template:Box Note

Root wachtwoord

Stel tenslotte een root password in en verzeker uzelf ervan dat u het onthoudt. Ga terug naar het hoofdmenu en ga verder met het installeren van de bootloader.

Pacman-Mirror

Kies een mirror repository voor pacman.

  • archlinux.org is gethrottled, downloads zijn beperkt tot 50KB/s

Ga terug naar het hoofdmenu.

Installatie van een Bootloader

Omdat we geen secundair besturingssysteem hebben in ons voorbeeld, hebben we een bootloader nodig. GNU GRUB is de aanbevolen bootloader. U kunt als alternatief LILO gebruiken.

GRUB

De standaard GRUB configuratie (/boot/grub/menu.lst) zou afdoende moeten zijn, maar controleer de inhoud om u van precisie te verzekeren. Wellicht wilt u de resolutie van de console aanpassen door een vga=<number> kernel argument dat overeenkomt met de wenste resolutie voor de virtual console toe te voegen. (Een tabel met resoluties en de bijbehorende nummers is opgenomen in menu.lst.)

Voorbeeld:

title  Arch Linux (Main)
root   (hd0,0) 
kernel /boot/vmlinuz26 root=/dev/disk/by-uuid/0ec1-9339.. ro vga=773
initrd /boot/kernel26.img

Template:Box Note

Uitleg:

Regel 1: titel: Een afgedrukte menuselectie. "Arch Linux (Main)" zal op het scherm worden afgedrukt als menuselectie.

Regel 2: root: GRUB's root; de schijf en de partitie waar de kernel (/boot) verblijft, volgens de BIOS van het systeem. (Waar GRUB's stage2 bestand verblijft, om precies te zijn). NIET per definitie het root (/) bestandssysteem, aangezien ze op verschillende partities kunnen verblijven. Het nummerschema van GRUB begint bij 0, en gebruikt het hdx,x formaat ongeacht het om IDE of SATA gaat, en wordt binnen haakjes gezet.

Het voorbeeld laat zien dat /boot op de eerste partitie van de eerste schijf staat, volgens BIOS, of, (hd0,0).

Regel 3: kernel: Deze regel specificeert:

  • De locatie en de bestandsnaam van de kernel gerelateerd aan GRUB's root.

In het voorbeeld is /boot slechts een directory die verblijft op dezelfde partitie als / en vmlinuz26 is de bestandsnaam van de kernel; /boot/vmlinuz26. Als /boot op een aparte partitie had gestaan, waren de locatie en de besstandsnaam simpelweg /vmlinuz26 geweest, gerelateerd aan GRUB's root.

  • Het root= argument bij het kernel statement specificeert de partitie met de root directory (/) in het opgestarte systeem, (de partitie die sbin/init bevat, om precies te zijn), volgens het UUID nummeringsschema sinds 2008-04rc, die het /dev/disk/by-uuid/xxxx-xxxx-xxxx formaat gebruikt.
  • Een eenvoudige manier om de twee voorkomens van 'root' in /boot/grub/menu.lst van elkaar te onderscheiden is te onthouden dat het eerste root statement GRUB informeert waar de kernel verblijft, daar waar het tweede root= kernel argument de kernel vertelt waar het root bestandssysteem (/) verblijft.
  • Kernel opties.

In ond voorbeeld, mount ro het bestandssysteem om alleen te lezen tijdens het opstarten, en het "vga=773" argument zal u een 1024x768 framebuffer gegeven met 256 color depth.

Regel 4: initrd: (Voor de eerste RAM schijf) De locatie en de bestandsnaam van het eerste RAM bestandssysteem relatief aan GRUB's root. Nogmaals, in het voorbeeld is /boot slechts een directory die veblijft op dezelfde partitie als / en kernel26.imgis is de initrd bestandsnaam; /boot/kernel26.img. Als /boot op een aparte partitie had gestaan, waren de locatie en de besstandsnaam simpelweg /vmlinuz26 geweest, gerelateerd aan GRUB's root.

Installeer de GRUB bootloader op de master boot record, (sda in ons voorbeeld).

Herstarten

Dat was het; u heeft uw Arch Linux basissysteem geinstalleerd en geconfigureerd. Sluit de installatie, en herstart:

# reboot

(Verwijder de installatie CD)

Uw nieuwe Arch Linux systeem zal opstarten en eindigen met een login prompt (indien nodig kunt u uw opstartvolgorde in uw BIOS herstellen om van de harde schijf op te starten).

Gefeliciteerd, en welkom bij uw glimmende, nieuwe Arch Linux basissysteem!

Uw nieuwe Arch Linux basissysteem is nu een functionele GNU/Linux omgeving en klaar voor aanpassingen. Vanaf hier, kunt u deze elegante set programma's gebruiken om ervan te maken wat u maar wilt of nodig heeft.

Login met de root account. Wij zullen pacman configureren en het systeem als root updaten, en dan een normale gebruiker toevoegen. Template:Box Note

Configuratie van het netwerk (zo nodig)

  • Deze sectie zal u assisteren bij het configureren van de meeste typen netwerken, als uw netwerkconfiguratie niet werkt.

Als u uw systeem juist heeft geconfigureerd, zou u een werkend netwerk moeten hebben. Probeer www.google.com te pingen om die te verifiëren.

# ping -c 3 www.google.com

Indien u een werkende netwerkverbinding heeft, ga dan door met Update, Sync and Upgrade het systeem met pacman.

Als u, na het pingen van www.google.com, u een "unknown host" fout krijgt, kunt u daaruit opmaken dat uw netwerk onjuist geconfigureerd is. U kunt de volgende bestanden bekijken om na te gaan of u gebruik maakt van de juiste instellingen:

/etc/rc.conf # Controleer vooral de HOSTNAME= en NETWORKING sectie op (type)fouten.

/etc/hosts # Double-check uw format. (Zie boven.)

/etc/resolv.conf # Voor als u een statisch IP gebruikt. Als u DHCP gebruikt, wordt dit bestand standaard dynamisch aangemaakt en weer vernietigd, maar kan naar uw voorkeur worden veranderd. (Zie Netwerk.)

Geavanceerde instructies voor het configureren van het netwerk kunnen worden gevonden in het Netwerk artikel.

Wired LAN

Check uw Ethernet met

# ifconfig -a

Alle interfaces zijn worden getoond. U zou een entry moeten zien voor eth0, of wellicht eth1.

  • Statisch IP

Indien nodig, kunt u een nieuw statisch IP instellen met:

# ifconfig eth0 <ip adres> netmask <netmask> up 

en de standaard gateway met

# route add default gw <ip adres van de gateway>

Controleer of /etc/resolv.conf uw DNS server bevat en voeg die toe indien deze ontbreekt. Controleer uw netwerk opnieuw met het pingen van www.google.com. Als alles nu werkt, pas dan /etc/rc.conf aan zoals hierboven beschreven voor een statisch IP.

  • DHCP

Indien u een DHCP server/router in uw netwerk heeft, probeer dan:

# dhcpcd eth0

Als dit werkt, pas dan /etc/rc.conf aan zoals hierboven beschreven, voor een dynamisch IP.

Draadloos LAN

  • Verzeker uzelf ervan dat de driver een bruikbare interface gecreëerd heeft:
# iwconfig
  • Stel de interface in als "up" met ifconfig <interface> up. b.v.:
# ifconfig ath0 up
  • (Optioneel) Scan voor beschikbare toegangspunten:
# iwlist ath0 scan | less
  • Specificeer het id van het draadloze netwerk met iwconfig <interface> essid <youressid>. Of, indien u WEP gebruikt; iwconfig <interface> essid <uwessid> key <uwwepkey>, b.v.:
# iwconfig ath0 essid linksys key 0241baf34c
  • Vraag een IP adres aan met dhcpcd <interface>. b.v.:
# dhcpcd ath0
  • Verzeker uzelf ervan dat u kunt routen:
$ ping -c 3 www.google.com

Klaar.

Gedetailleerde instellingsgids: Wireless Setup

Analoge Modem

Om een Hayes-compatibele, externe, analoge modem te gebruiken, moet u tenminste het ppp paket geïnstalleerd hebben. Pas het bestand /etc/ppp/options aan naar uw behoeften en volgens man pppd. U zult een chat script moeten definiëren om uw gebruikersnaam en wachtwoord naar de ISP te sturen nadat de eerste verbinding tot stand is gekomen. De manpages voor pppd en chat bevatten voorbeelden die zouden moeten voldoen om een verbinding tot stand te brengen indien u ervaren of koppig genoeg bent. Met udev zijn uw seriële poorten normaal gesproken /dev/tts/0 en /dev/tts/1. Tip: Lees Dialup without a dialer HOWTO.

In plaats van de strijd aan te gaan met het kale pppd, kunt u overwegen wvdial of een vergelijkbaar programma te installeren om het instelproces aanzienlijk te vergemakkelijken. Indien u een zogenaamde WinModem gebruikt, wat in principe een PCI plugin kaart is die werkt als een interne analoge modem, kunt u zich storten op de informatie die te vinden is op de LinModem homepage.

ISDN

Het opzetten van een ISDN verbinding wordt in drie stappen gedaan:

  1. Installeren en configureren van hardware
  2. Installeren en configureren van de ISDN programma's
  3. Toevoegen van instellingen voor uw ISP

De huidige standaard Arch kernels bevatten de nodige ISDN modules, wat betekent dat het niet nodig is de kernel opnieuw te compileren tenzij u sterk afwijkende ISDN hardware wilt gebruiken. Nadat de ISDN kaart fysiek in uw machine geïnstalleerd is of als u uw USB ISDN-Box heeft aangesloten, kunt u proberen de modules te laden met modprobe. Bijna alle ISDN PCI kaarten maken gebruik van de hisax module, die twee parameters nodig heeft: type en protocol. Protocol moet worden ingesteld op '1' als uw land de 1TR6 standaard handhaaft, '2' als het gebruik maakt van EuroISDN (EDSS1), '3' las u bent aangesloten op een zogenaamde leased-line zonder D-channel, en '4' voor US NI1.

Details van al deze instellingen en hoe deze in te stellen is bijgevoegd in de documentatie van de kernel, in de isdn subdirectory, en online beschikbaar. De type parameter hangt af van uw kaart; een lijst met alle mogelijke typen kunt u vinden in de README.HiSax kernel documentatie. Kies uw kaart en laad de module met de benodigde opties op deze wijze:

# modprobe hisax type=18 protocol=2

Dit zal de hisax module laden voor mijn ELSA Quickstep 1000PCI, die in Duitsland wordt gebruikt met het EDSS1 protocol. U kunt behulpzame debug output vinden in uw /var/log/everything.log bestand, waarin u terug zou moeten vinden dat uw kaart wordt klaargestoomd. Houd er rekening mee dat u enkele USB modules zult moeten laden voordat u aan het werk kunt met een externe USB ISDN Adapter kunt werken.

Zodra u heeft bevestigd dat uw kaart werkt met bepaalde instellingen, kunt u de module options toevoegen aan uw /etc/modprobe.conf:

alias ippp0 hisax
options hisax type=18 protocol=2

Als alternatief kunt u enkel de options regel hier neerzetten, en hisax aan de MODULES rij toevoegen in de rc.conf. Aan u de keuze, maar de methode uit het voorbeeld heeft het voordeel dat de module niet wordt geladen voordat hij daadwerkelijk nodig is.

Wanneer dit alles voltooid is, zou u werkende, ondersteunde hardware moeten hebben. Nu heeft u de basisprogramma's nodig om hier gebruik van te gaan maken!

Installeer het isdn4k-utils paket, en lees de manpage van isdnctrl; het zal u op weg helpen. Verderop in de manpage vind u uitleg over hoe een configuratiebestand gecreëerd moet worden dat verwerkt kan worden door isdncntrl, evenals enige nuttige instellingsvoorbeelden. Houdt u erg in dat u uw SPID moet toevoegen aan uw MSN instelling gescheiden door een punt-komma indien u US NI1 gebruikt.

Nadat u uw ISDN kaart geconfigureerd heeft met het isdnctrl programma, zou u in moeten kunnen bellen op de machine die u heeft gespecificeerd met de PHONE_OUT parameter, maar niet voorbij de gebruikersnaam en wachtwoord authenticatie moeten komen. Om dit te laten slagen voegt u uw gebruikersnaam en wachtwoord toe aan /etc/ppp/pap-secrets of /etc/ppp/chap-secrets zoals u een normale analoge PPP link zou configureren, afhankelijk van het protocol dat uw ISP gebruikt voor authenticatie. Wanneer u hierover twijfelt, zet dan de data in beide bestanden.

Als u alles goed heeft ingesteld, zou u nu een inbelverbinding tot stand moeten kunnen brengen met

# isdnctrl dial ippp0

als root. Indien u problemen tegen het lijf loopt, vergeet dan niet de logbestanden te bekijken!

DSL (PPPoE)

Deze instructies zijn slechts relevant als uw PC zelf de connectei met uw ISP moet beheren. U hoeft niets te doen behalve de juiste gateway te definiëre als u een aparte router heeft die dit zware werk opknapt.

Voordat u uw DSL online verbinding kunt gebruiken, zult u de netwerkkaart die verbonden hoort te zijn met de DSL-modem fysiek in uw computer moeten installeren. Nadat u uw nieuw geïnstalleerde netwerkkaart aan de MODULES rij of aan modules.conf/modprobe.conf heeft toegevoegd, kunt u het rp-pppoe paket installeren en het pppoe-setup script draaien om uw verbinding te configureren. Wanneer u alle data heeft ingevoerd, kunt u verbinding maken en verbreken met

# /etc/rc.d/adsl start

en

# /etc/rc.d/adsl stop

Het instellen is normaal gesprken vrij eenvoudig en rechtdoorzee, maar schroom vooral niet de manpages door te lezen voor tips. Als u automatisch wilt 'inbellen' tijden het opstarten, voeg dan adsl toe aan uw DAEMONS rij.

Update, Sync and Upgrade het systeem met pacman

Nu zullen wij het systeem updaten met behulp van pacman.

Wat is pacman ?

Pacman is the package manager van Arch Linux. Pacman is geschreven in C en is vauit de basis ontworpen om lichtgewicht, snel, simpel en veelzijdig te zijn. Het beheert uw volledige paketsysteem en zorgt voor installatie, verwijdering, paket downgrade (vauit de cache), omgaan met zelfgecompilede paketten, automatische afhankelijkheidsherkenning, zoekacties op lokaal niveau en op afstand en veel meer. Arch gebruikt het .tar.gz paket formaat, wat de snelheid van pacman nog meer opvoert; Gzipped tarballs zijn, ook al zijn ze iets groter, veel sneller uitgepakt dan hun Bzipped tegenhangers, en daarom veel vlotter geïnstalleerd.

Configureren van pacman

Paket Repositories en /etc/pacman.conf

Arch heeft momenteel vier repositories die direct beschikbaar zijn via pacman:

[core]

Het eenvoudige principe van [core] is het voorzien van slechts een van elk noodzakelijk programma voor een Arch Linux basissysteem; de GNU toolchain, de Linux kernel, een editor, een command line browser, etc. (Hierop zijn een paar uitzonderingen. Bijvoorbeeld, zowel vi als nano zijn aanwezig, zodat de gebruiker kan kiezen.) Het bevat alle paketten die perfect MOETEN werken om er zeker van te zijn dat het systeem blijkt werken. Dit zijn absoluut systeem-kritische paketten. Onderhouden door de ontwikkelaar.

  • Het Core installatie medium bevat eenvoudigweg een installatiescript, en een momentopname van de inhoud van de core repository van het moment van de release.

[extra]

De [extra] repository bevat alle Arch paketten die zelf niet nodig zijn voor een basaal Arch systeem, maar bijdragen aan een vollere omgeving. X, KDE, and Apache, kunnen hier bijvoorbeeld gevonden worden. Onderhouden door de ontwikkelaar.

[testing]

De [testing] repository bevat paketten die kandidaat zijn voor de [core] of [extra] repositories. Nieuwe paketten komen in [testing] als:

  • er verwacht wordt dat er iets miscgaat bij het updaten en ze eerst moeten worden getest
  • ze andere paketten nodig hebben om opnieuw gebouwd te worden. In dit geval worden alle paketten die opnieuw gebouwd moeten worden eerst in [testing] gezet en wanneer de rebuilds klaar zijn, teruggezet in de andere repositories. Onderhouden door de ontwikkelaar.

[testing] is de enige repository die naamsbotsingen kan hebben met een van de andere officiële repositories.

* Indien ingeschakeld, moet [testing] de eerste repo zijn die opgenomen is in het pacman.conf bestand.

Waarschuwing: uw systeem kan dienst weigeren nadat u een update met [testing] ingeschakeld heeft uitgevoerd. Alleen gevorderde gebruikers behoren dit te gebruiken.

[community]

De [community] repository wordt onderhouden door de Trusted Users (TUs) en maakt onderdeel uit van de Arch User Repository (AUR). Het bevat binaire paketten vanuit de AUR die genoeg stemmen hebben gekregen en zijn aangenomen door een TU. Net zoals geldt voor alle repos van hierboven, heeft pacman direct toegang tot [community].

De AUR bevat ook de unsupported tak, waartoe pacman niet direct toegang heeft*. [unsupported] bevat meer dan 8000 PKGBUILD scripts voor het bouwen van paketten vanuit de bron, die mogelijk niet te vinden zijn in de andere repos.

* AUR Helpers kan u helpen naadloos toegang tot AUR te verkrijgen.

/etc/pacman.conf

pacman zal /etc/pacman.conf proberen te lezen telkens wanneer hij wordt aangeroepen. Dit configuratiebestand is in secties verdeeld, of repositories. Elke sectie definieert een paketrepository die pacman kan gebruiken wanneer hij naar paketten zoekt. De uitzondering hierop is de sectie options, die de globale opties definieert.

# nano /etc/pacman.conf

Voorbeeld:

#
# /etc/pacman.conf
#
# See the pacman.conf(5) manpage for option and repository directives

#
# GENERAL OPTIONS
#
[options]
# The following paths are commented out with their default values listed.
# If you wish to use different paths, uncomment and update the paths.
#RootDir     = /
#DBPath      = /var/lib/pacman/
#CacheDir    = /var/cache/pacman/pkg/
#LogFile     = /var/log/pacman.log
HoldPkg     = pacman glibc
# If upgrades are available for these packages they will be asked for first
SyncFirst   = pacman
#XferCommand = /usr/bin/wget --passive-ftp -c -O %o %u
#XferCommand = /usr/bin/curl %u > %o

# Pacman won't upgrade packages listed in IgnorePkg and members of IgnoreGroup
#IgnorePkg   =
#IgnoreGroup =

#NoUpgrade   =
#NoExtract   =

# Misc options (all disabled by default)
#NoPassiveFtp
#UseSyslog
#ShowSize
#UseDelta
#TotalDownload
#
# REPOSITORIES
#   - can be defined here or included from another file
#   - pacman will search repositories in the order defined here
#   - local/custom mirrors can be added here or in separate files
#   - repositories listed first will take precedence when packages
#     have identical names, regardless of version number
#   - URLs will have $repo replaced by the name of the current repo
#
# Repository entries are of the format:
#       [repo-name]
#       Server = ServerName
#       Include = IncludePath
#
# The header [repo-name] is crucial - it must be present and
# uncommented to enable the repo.
# 

# Testing is disabled by default.  To enable, uncomment the following
# two lines.  You can add preferred servers immediately after the header,
# and they will be used before the default mirrors.
#[testing]
#Include = /etc/pacman.d/mirrorlist

[core]
# Add your preferred servers here, they will be used first
Include = /etc/pacman.d/mirrorlist

[extra]
# Add your preferred servers here, they will be used first
Include = /etc/pacman.d/mirrorlist 

[community]
# Add your preferred servers here, they will be used first
Include = /etc/pacman.d/mirrorlist

# An example of a custom package repository.  See the pacman manpage for
# tips on creating your own repositories.
#[custom]
#Server = file:///home/custompkgs

Schakel alle gewenste repositories in (verwijder de # voor de regels met 'Include =' en '[repository]').


  • Wanneer u repos uitkiest, verzeker uzelf er dan van dat u zowel de regels met de titel van de repository in [brackets] als de regels met 'Include =' uncomment. Als u dit niet doet dan zal de geselecteerde repository overgeslagen worden! Dit is een zeer veelgemaakte fout.
/etc/pacman.d/mirrorlist

Snellere mirros zullen de prestaties van pacman aanzienlijk verbeteren, en uw gehele Linux ervaring.

Aanpassen van /etc/pacman.d/mirrorlist:

# nano /etc/pacman.d/mirrorlist

Verwijder alle mirrors die zich niet op uw continent bevinden, of extreem ver weg liggen. (Als u nano gebruikt, kunt u met CTRL-K iedere onnodige regel verwijderen.)

Pas /etc/pacman.d/mirrorlist aan door de beste mirror bovenaan de lijst te plaatsen. (Onthoudt dat archlinux.org gethrottled is tot 50KB/s). Als u nano gebruikt, kunt u een regel knippen met CTRL-K en plakken met CTRL-U.

Nadat u de mirrors hebt gewijzigd, voer dan het volgende commando uit:

# pacman -Syy

Als u twee --refresh of -y flags gebruikt forceert u een refresh van alle paketlijsten ook al beschouwd pacman ze als up-to-date. Uitvoeren van pacman -Syy wanneer er een mirror veranderd is, is een goede gewoonte en zal mogelijke hoofdpijnen voorkomen.

Negeren van paketten

Wanneer u het commando "pacman -Syu" uitvoert, wordt uw gehele system geüpdatet. Het is mogelijk dat niet wilt dat een bepaald paket wordt geüpgraded. Een voorbeeld zou de kernel (kernel26) of een paket waarvoor een upgrade problemen met het systeem op zou leveren kunnen zijn. In dit geval heeft u twee opties; de paketten die u over wilt slaan aangeven in de pacman commandoregel met behulp van de --ignore optie (zie pacman -S --help voor details) of het permanent aangeven van de paketten die u wilt overslaan in uw /etc/pacman.conf bestand:

IgnorePkg = kernel26

De typische manier om Arch te gebruiken is het gebruik van pacman om alle paketten te installeren tenzij er geen paket beschikbaar is, in welk geval u uw eigen paket kunt bouwen met ABS. Veel paket build scripts die door gebruikers worden aangeleverd zijn ook beschikbaar in de AUR.

Normaal gesproken houdt u uw systeem up-to-date met pacman -Syu, in plaats van het upgraden van specifieke paketten. U kunt indien u dat wenst afwijken van deze standaardmethode; wees wel gewaarschuwd over het feit dat er een grotere kans is dat de dingen niet gaan zoals u het had bedoeld en een defect systeem op kan leveren. De meerderheid van klachten onstaan met selectief upgraden, ongebruikelijke compilatie of het uitvoeren van een onjuiste installatie van software. Gebruik van IgnorePkg in /etc/pacman.conf wordt daarom ontmoedigd, en zou enkel spaarzaam moeten worden gebruikt, als u weet waar u mee bezig bent.

Negeren van Configuratie Bestanden

In dezelfde strekking, kunt u ook uw configuratie-/systeembestanden "beschermen" tegen overschrijven tijdens "pacman -Su" met behulp van de volgende optie in uw /etc/pacman.conf

NoUpgrade = etc/lilo.conf boot/grub/menu.lst

Updaten van het Systeem

U bent nu klaar om het gehele systeem te upgraden. Voordat u dat doet, lees het nieuws (en optioneel de announce mailing list). Vaak voorzien de ontwikkelaars in belangrijke informatie over fixes of bekende problemen. Het raadplegen van deze pagina's voor iedere upgrade is een goede gewoonte.

Sync, refresh, en upgrade uw gehele systeem met:

# pacman -Syu

U kunt ook gebruiken:

# pacman --sync --refresh --sysupgrade

pacman zal nu een verse kopie van de master paketlijst van de server(s) die in pacman.conf(5) gedefinieerd staan downloaden en alle beschikbare upgrades uitvoeren. (Er kan u worden gevraagd pacman zelf te upgraden op dit moment. Indien dit het geval is, kes yes, en voer dan opnieuw het pacman -Syu commando uit wanneer dit gebeurd is.)

Herstart wanneer er een kernel upgrade heeft plaatsgevonden.

Template:Box Note

Als de boodschappen te snel voorbijkomen om te lezen, kunt u ze later nog eens bekijken in /var/log/pacman.log.

Zie Package Management FAQs voor antwoorden op veel gestelde vragen met betrekking tot updaten en het beheren van uw paketten.

De schoonheid van het Arch rolling release model

Onthoud dat Arch een rolling release distributie is. Dit betekent dat er nooit een reden is om het systeem te herinstalleren of uitgebreide systeem rebuilds uit te voeren om naar de nieuwste versie te upgraden. Het regelmatig uitvoeren van pacman -Syu houdt uw systeem up-to-date en "on the bleeding edge". Na de upgrade is het systeem op zijn nieuwst. Herstart indien er een kernel upgrade heeft plaatsgevonden.

Bekend raken met pacman

pacman is de beste vriend van de Arch gebruiker. Het wordt sterk aanbevolen om te leren hoe de pacman(8) tool gebruikt kan worden. Probeer:

man pacman

Bekijk het einde van dit artikel, en zoek de pacman wiki entries op.

Toevoegen van een user en organisatie van groups

UNIX is een omgeving voor meerdere gebruikers. Het is niet verstandig dagelijkse werkzaamheden gebruikmakend van het root account. Het is meer dan onverstandig; het is gevaarlijk. Root is voor administratieve taken. Voeg in plaats daarvan een normaal, niet-root gebruikersaccount aan met behulp van het /usr/sbin/useradd programma:

# useradd -m -G [groepen] -s [login_shell] [gebruikersnaam] 
  • -m Creëert een home directory voor de gebruiker in /home/gebruiksnaam. In deze home directory kan een gebruiker bestanden schrijven, verwijderen, programma's installeren, etc. De home directories van gebruikers zullen hun data en persoonlijke configuratiebestanden bevatten, de zogenaamde 'dot bestanden' (hun naam wordt voorafgegaan door een punt), welke 'verborgen' zijn. (Om dotbestanden te kunnen bekijken, schakel de juiste optie in uw file manager in of voer ls met de -a optie uit.) Als er een conflict is tussen een configuratiebestand van een gebruiker (onder /home/username) en globaal, (normaal gesproken onder /etc/) hebben de instellingen van het bestand van de gebruiker voorrang. Dotbestanden die doorgaans door de gebruiker worden aangepast zijn onder andere de .xinitrc en .bashrc bestanden. Dit zijn de configuratiebesstanden voor xinit en Bash. Zij staan de gebruiker toe om de window manager die bij het inloggen wordt gestart te wijzigen en zo ook aliases, gebruikerspecificieke commando's en omgevingsvariabelen. Wanneer er een gebruiker wordt gecreëerd, worden de dotbestanden uit de /etc/skel directory gehaald waar de voorbeeldbestanden van het systeem verblijven.
  • -G Een lijst van aanvullende groepen waarvan de gebruiker ook lid is. Iedere groep wordt van de volgende onderscheiden met een komma, zonder spaties. De standaard is dat de gebruiker enkel deel uitmaakt van de de oorspronkelijke groep (users).
  • -s De naam van de login shell van de gebruiker. Wanneer dit veld leeg wordt gelaten zal het systeem de standaard login shell selecteren.

Nuttige groepen voor de niet-root gebruiker zijn:

  • audio - voor taken die met de geluidskaart en daaraan gerelateerde software te maken hebben
  • floppy - voor toegang tot een floppy, indien van toepassing
  • lp - voor het uitvoeren van printtaken
  • optical - voor het beheren van taken die betrekking hebben op de optische schij(f/ven)
  • storage - voor het beheren van opslag apparaten
  • video - voor video taken en 3d acceleratie
  • wheel - voor het gebruik van sudo/su
  • power - gebruikt met power opties (bv. afsluiten met de uit knop)

Een typisch voorbeeld, waarbij een user genaamd 'archie" wordt toegevoegd en de login shell als bash wordt gespecificeerd:

# useradd -m -G users,audio,lp,optical,storage,video,wheel,power -s /bin/bash archie

Voeg vervolgens een wachtwoord voor de nieuwe gebruiker toe met /usr/bin/passwd.

Een voorbeel voor onze gebruiker, 'archie':

# passwd archie

(U zult worden gevraagd een nieuw UNIX wachtwoord op te geven.)

Uw nieuwe niet-root gebruiker is nu aangemaakt, compleet met een home directory en een login wachtwoord.

Alternatieve methode, met gebruik van /usr/sbin/adduser:

U kunt als alternatief adduser gebruiken, een interactief programma om gebruikers toe te voegen dat u zal vragen om de hierboven beschreven data:

# adduser

Zie het Groups artikel en bekijk de man pagina's voor usermod(8) en gpasswd(8) voor verdere informatie.

Wanneer er een fout optreedt, of indien u deze gebruikersaccount wilt verwijderen omdat u bijvoorbeeld een andere naam wilt gebruiken, gebruik dan /usr/sbin/userdel:

# userdel -r [gebruikersnaam]
  • -r Bestanden in de home directory van de gebruiker worden verwijderd tesamen met de home directory zelf en de mail spool van de gebruiker.

Installatie en organisatie van Sudo (Optioneel)

Om Sudo te installeren:

# pacman -S sudo

Om een gebruiker als sudo gebruiker (een "sudoer") toe te voegen, moet het visudo commando als root worden uitgevoerd. Als u nog niet weet hoe u vi moet gebruiken, kunt u de EDITOR environment variabele aanpassen om de editor van uw keuze te gebruiken voordat u visudo aanroept. b.v.:

# EDITOR=nano visudo

Als u op uw gemak bent met vi, roep het visudo commando dan aan zonder de EDITOR=nano variabele:

# visudo

Dit opent het /etc/sudoers bestand in een speciale sessie van vi. visudo kopieert het bestand zodat een tijdelijk bestand kan worden aangepast, past het aan met een editor, (standaard met vi), en checkt vervolgens de zinvolheid van het bestand. Als het hier doorheen komt, overschrijft het tijdelijke bestand het origineel met de correcte permissies.

WAARSCHUWING: Pas /etc/sudoers niet direct met een editor aan; fouten in de syntax kunnen tot ongewenste resultaten lijden (zoals het onbruikaar maken van het root account). U moet het visudo commando gebruiken om /etc/sudoers aan te passen.

Om de gebruiker volledige root privileges te geven wanneer hij/zij een commando voorafgegaan door "sudo" uitvoert, voeg de volgende regel toe:

USER_NAME   ALL=(ALL) ALL

waar USER_NAME de gebruikersnaam van de persoon is.

Voor meer informatie, zoals de sudoer <TAB> completion, zie Sudo

Deel II: Installatie en configuratie van X en ALSA

Configuratie van geluid met alsamixer

De Advanced Linux Sound Architecture (bekend onder het acroniem ALSA) is een kernel component van Linux bedoeld om het originele Open Sound System (OSS) te vervangen teneinde in drivers voor geluidskaarten te kunnen voorzien. Behalve deze drivers, bevat ALSA ook een user space library voor applicatie-ontwikkelaars die driver-eigenschappen met een hoger API niveau dan dat van directe interactie met de kernel drivers willen gebruiken.

Template:Box Note Template:Box Note

Het alsa-utils paket bevat het alsamixer userspace programma, waarmee we het audio apparaat vanuit de console kunnen configureren. (U kunt alsamixer later ook vanuit een X omgeving draaien.)

De kernel bevat standaard snd_pcsp. In de meeste gevallen wordt dit geladen voordat uw "echte" geluidskaart wordt geladen. snd_pcsp is een alsa module voor uw interne pc speaker.

Om snd_pcsp als laatste te laten laden, voeg dan het volgende toe aan

/etc/modprobe.conf

options snd-pcsp index=2

Indien u snd_pcsp helemaal niet wilt laden kunt u het volgende toevoegen aan

/etc/rc.conf

MODULES=(... !snd_pcsp)

Template:Box Note

Installeer het alsa-utils paket:

 # pacman -S alsa-utils

Heeft u uw normale gebruiker aan de audio groep toegevoegd? Zo niet, gebruik dan /usr/bin/gpasswd. Doe als root:

# gpasswd -a uwgebruikersnaam audio

Als normale, niet-root gebruiker, roep /usr/bin/alsamixer aan:

# su - uwgebruikersnaam 
$ alsamixer

Unmute de Master en PCM kanelen door erheen te scrollen met de cursortoetsen links/rechts en M in te drukken. Verhoog de volumes met de cursortoets omhoog. (70-90 Zou een veilig bereik moeten zijn.) Sommige machines, (zoals de Thinkpad T61), hebben een Speaker kanaal dat ook unmuted en aangepast moet worden. Verlaat alsamixer door op ESC te drukken.

Geluidstest

Verzeker uzelf ervan dat uw speakers goed staan aangesloten, en test uw geluidsconfiguratie als normale gebruiker met /usr/bin/aplay:

$ aplay /usr/share/sounds/alsa/Front_Center.wav

U zou een zeer elegante dame moeten horen zeggen, "Front, center."

Sluit de normale gebruiksers-shell af en voer /usr/bin/alsactl uit als root:

$ exit
# alsactl store

Dit creëert een '/etc/asound.state', waarin de alsamixer instellingen worden opgeslagen.

Voeg ook de alsa daemon toe aan de DAEMONS sectie in /etc/rc.conf om automatisch de mixer instellingen bij het opstarten te herstellen.

# nano /etc/rc.conf
DAEMONS=(syslog-ng network crond alsa)

Merk op dat de alsa daemon slechts de mixer volumeniveaus herstelt bij het opstarten door /etc/asound.state te lezen. Het staat los van de alsa audio library (en het kernel API niveau).

Uitgebreide informatie is beschikbaar in het ALSA wiki artikel.

Installatie van X

Het X Window System (bekend als X11, of slechts X) is een networking en display protocol die voorziet in windowing op bitmap displays. Het levert de standaard toolkit en protocol om graphical user interfaces (GUIs) op UNIX-achtige operating systems te kunnen bouwen.

X voorziet in het basisframework, of de primitieven, voor het bouwen van GUI environments: tekenen en verplaatsen van vensters op het scherm en het samenwerken met een muis en/of keyboard. X beheert niet de user interface — individuele client programma's doen dit.

X wordt zo genoemd omdat het vooraf werd gegaan door het W Window Systeem, ontwikkeld op Stanford University.

Template:Box Note

# pacman -S libgl

(Proprietary video drivers voorzien zelf in gl library implementaties.)

Nu zullen wij de basis Xorg paketten installeren met behulp van pacman. Dit is de eerste stap in het opzetten van een GUI.

# pacman -S xorg

Bij nieuwere versies van xorg, wordt het aangeraden (en is in de meeste gavllen waarschijlijk noodzakelijk) om de input driver evdev te installeren, die als dependency voor xorg-server geïnstalleerd zou moeten worden, maar in veel gevallen op de een of andere manier lijkt te ontbreken:

# pacman -S xf86-input-evdev

3d programma's zoals glxgears zijn aanwezig in het mesa paket:

# pacman -S mesa

Nu hebben wij de basispaketten packages die nodig zijn voor het draaien van de X Server. Nu is het moment de driver voor uw videokaart toe te voegen (b.v. xf86-video-<naam>). De gemakkelijkste manier om X.org te configureren is daar eerste de juiste driver paketten te installeren om vervolgens /etc/X11/xorg.conf te generen met behulp van een autoconfiguratie script, zoals Xorg -configure.

U moet weten welke video chipset uw machine heeft. Indien u dit niet weet, raadpleeg dan het /usr/sbin/lspci programma:

# lspci | grep VGA

Indien u een lijst wilt van alle open-source video drivers, doe dan:

# pacman -Ss xf86-video | less

Hier is een lijst met open source drivers, en de daarbij horende video chipsets.

  • xf86-video-apm Alliance ProMotion video driver
  • xf86-video-ark ark video driver
  • xf86-video-ati ATI(AMD) video driver
  • xf86-video-chips Chips and Technologies video driver
  • xf86-video-cirrus Cirrus Logic video driver
  • xf86-video-dummy dummy video driver
  • xf86-video-fbdev framebuffer video driver
  • xf86-video-glint GLINT/Permedia video driver
  • xf86-video-i128 Number 0 i128 video driver
  • xf86-video-i740 Intel i740 video driver
  • xf86-video-i810 Intel i810/i830/i9xx video drivers (verouderd - gebruik -intel)
  • xf86-video-intel Nieuwere Versie van Intel i810/i830/i9xx video drivers
  • xf86-video-imstt Integrated Micro Solutions Twin Turbo vidoe driver
  • xf86-video-mga mga video driver (Matrox Graphics Adapter)
  • xf86-video-neomagic neomagic video driver
  • xf86-video-nv Nvidia nv video driver
  • xf86-video-rendition Rendition video driver
  • xf86-video-s3 S3 video driver
  • xf86-video-s3virge S3 Virge video driver
  • xf86-video-savage savage video driver
  • xf86-video-siliconmotion siliconmotion video driver
  • xf86-video-sis SiS video driver
  • xf86-video-sisusb SiS USB video driver
  • xf86-video-tdfx tdfx video driver
  • xf86-video-trident Trident video driver
  • xf86-video-tseng tseng video driver
  • xf86-video-unichrome VIA S3 Unichrome video drivers
  • xf86-video-v4l v4l video driver
  • xf86-video-vesa vesa video driver
  • xf86-video-openchrome (testing) via video driver (wordt momenteel getest, probeer intussen openchrome)
  • xf86-video-vga VGA 16 kleuren video driver
  • xf86-video-vmware vmware video driver
  • xf86-video-voodoo voodoo video driver
  • Merk op dat de vesa driver de meest algemen is, en zou moeten werken met bijna alle moderne video chipsets. Indien u geen geschikte driver voor uw video chipset kunt vinden, moet vesa werken.
  • Indien u een NVIDIA of ATI video adapter heeft, wilt u wellicht de proprietary NVIDIA of ATI drivers installeren. Het installeren van proprietary video drivers wordt hieronder behandeld.

Gebruik pacman om de juiste video driver voor uw video card/onboard video te installeren. b.v.:

# pacman -S xf86-video-savage

(voor de Savage driver.)

Configuratie van X

Wat is het xorg.conf bestand?

/etc/X11/xorg.conf is het hoofdconfiguratiebestand voor uw X Window Systeem, de basis van uw Graphical User Interface. Het is een tesktbestand verdeeld in secties en subsecties. Belangrijke secties zijn Files, InputDevice, Module, Monitor, Modes, Screen, Device, and ServerLayout. Secties kunnen in meerdere volgordes voorkomen en er kan meer dan een sectie van iedere soort bestaan, bijvoorbeeld, als u meer dan een monitor heeft, of als uw laptop zowel een trackpoint als een muis heeft.

U zult standaard niet over een Xorg configuratiebestand beschikken, omdat de nieuwste versies van Xorg autodetectie hebben. Als de autodetectie naar tevredenheid werkten u heeft geen speciale functies zoals aiglx, compositing en dergelijke nodig, mag u in het aanmaken van een xorg.conf bestand verzaken.

Creatie /etc/X11/xorg.conf

Gevorderde gebruikers hebben wellicht de wens hun eigen xorg.conf bestand op te stellen. U kunt echter ook het /usr/bin/Xorg programma gebruiken met de -configure optie om een basaal configuratiebestand te genereren; do als root:

# Xorg -configure

Dit creëert een configuratiebestand op /root/xorg.conf.new

Input hotplugging

Input hotplugging is ingeschakeld on de 1.5.x series van het xorg-server paket, die nu is toegevoegd aan de extra repo. Wanneer input hotplugging is ingeschakeld, verwijdert X alle setups van de apparaten die in xorg.xonf staan die de toetsenbord- en muisdriver gebruiken. Dit kan resulteren in het ogenschijnlijk bevriezen van X waardoor u uw muis niet kunt bewegen en uw toetsenbord niet kunt gebruiken.

Er zijn twee opties om dit te corrigeren:

1) Configureer input hotplugging door de xf86-input-evdev driver te installeren en HAL zodanig te configureren dat de toetsenbord- en muisdrivers worden gebruikt. Start de daemon voordat iets X.Org-gerelateerds wordt gestart:

/etc/rc.d/hal start

Voeg de hal daemon aan de DAEMONS rij toe in /etc/rc.conf om het met iedere opstartcyclus te starten. Zie het artikel over Xorg input hotplugging voor volledige details.

2) Uitschakelen van input hotplugging door Option "AutoAddDevices" "False" aan ServerFlags in /etc/X11/xorg.conf toe te voegen. Hierdoor worden de apparaten die door hal worden herkend overgeslagen en zal de toetsenbord-/muisconfiguratie uit xorg.conf worden gebruikt

# nano /root/xorg.conf.new

en voeg het volgende toe

Section "ServerFlags"
    Option "AutoAddDevices" "False"
EndSection

Test X

Om de X server te testen, voer uit:

# X -config /root/xorg.conf.new

X zou moeten starten met de witte, holle vector X in het midden van het scherm, die zou moeten reageren op de bewegingen van een muis, trackpoint of touchpad. Gebruik CTRL-Alt-Backspace om X te sluiten.

In het geval van fouten

Inspecteer uw configuratiebestand:

# nano /root/xorg.conf.new

Verzeker uzelf ervan dat het Xorg -configure script uw video driver goed heeft gespecificeerd. b.v.:

Section "Device"

       ...

       Driver  "savage"

       ...

EndSection

Verzeker uzelf ervan dat er horizontal sync en vertical refresh specificaties onder de sectie "Monitor" staan. Zo niet, voeg deze dan toe:

Section "Monitor"
       Identifier   "Monitor0"
       VendorName   "Monitor Vendor"
       ModelName    "Monitor Model"
       HorizSync     30.0 - 130.0 # Safe for LCD's
       VertRefresh   50.0 - 100.0 # Safe for LCD's and most CRT's.
EndSection

(Als u deze specificaties niet weet, raadpleeg dan de documentatie van uw monitor.)

Specificeer uw standaard color depth onder de sectie "Screen":

Section "Screen"
       Identifier "Screen0"
       Device     "Card0"
       Monitor    "Monitor0"
       DefaultDepth 24

(Doorgaans staat dit op 24 ingesteld voor true color.)

Voeg ook de gewenste Modes toe aan de "Display" subsectie, in elk geval onder de Depth 24 header, b.v.:

 SubSection "Display"
               Viewport   0 0
               Depth     24
               Modes "1024x768" "800x600" "640x480"

Voeg de volgende sectie toe, indien u eye candy wilt inschakelen die de composite extensie nodig heeft:

Section "Extensions"
 	Option "Composite" "Enable"
EndSection

Probeer uw configuratie opnieuw, na de aanpassingen:

# X -config /root/xorg.conf.new

Verzeker uzelf er van dat er een X sessie opent, zonder foutmeldingen, en kopieer of verplaats het gegenereerde configuratiebestand naar /etc/X11/:

# cp /root/xorg.conf.new /etc/X11/xorg.conf

Gedetailleerde instructies vind u in het Xorg artikel.

Alternatieve xorg.conf generering

  • Wanneer uw machine beschikt over een succesvol geconfigureerd xorg.conf bestand onder een andere distributie met dezelfde Xorg versie, kunt u dit simpelweg kopiëren naar uw huidige Arch systeem.
  • Indien Xorg -configure geen bruikbare xorg.conf genereert, kunt u ook het /usr/bin/hwd programma gebruiken. Installeer met:
# pacman -S hwd

En voer uit met

# hwd -xa

Template:Box Note

  • U kunt ook het /usr/bin/xorgcfg script proberen:
# xorgcfg 
  • Tenslotte, kunt u kiezen voor /usr/bin/xorgconfig, die u automatisch zal vragen om hardware informatie om een basaal xorg.conf bestand aan te maken:
# xorgconfig

Ga verder met Simpele baseline X test

Instellen van de keyboard layout

Wanneer input hotplugging uitgeschakeld is

Voeg de volgende regels toe aan de "InputDevice" sectie van het /etc/X11/xorg.conf bestand waarin u de keyboard layout en variant aangeeft:

Option "XkbLayout" "NL"
Option "XkbVariant" ""
Wanneer input hotplugging ingeschakeld is
# cp /usr/share/hal/fdi/policy/10osvendor/10-keymap.fdi /etc/hal/fdi/policy/
# nano /etc/hal/fdi/policy/10-keymap.fdi

Pas de "input.xkb.layout" sleutel aan en zo mogelijk ook de "input.xkb.variant" sleutel in dit bestand. Herstart hal:

# /etc/rc.d/hal restart

Voor meer informatie, zie het artikel Xorg input hotplugging.

Gebruik van een proprietary Graphics Driver (NVIDIA, ATI)

U kunt er voor kiezen de proprietary video drivers van NVIDIA of ATI te gebruiken.

NVIDIA videokaarten

De proprietary drivers van NVIDIA worden doorgaans beschouwd van goede kwaliteit te zijn, en bieden 3D prestaties, daar waar de open source nv driver op dit moment enkel 2D ondersteuning biedt.

Voordat u de grafische kaart gaat configureren is het eerst nodig te weten welke driver u nodig heeft. Arch beschickt op dit moment over verschillende driver paketten die elk voor een bepaalde subset van kaarten geschikt zijn:

Template:Box Note Template:Box Note

1. nvidia-96xx Wat nieuwere kaarten to aan de GF 4.

2. nvidia-173xx Kaarten uit de Geforce FX serie

3. nvidia Nieuwste GPU's na de GF FX


Raadpleeg de NVIDIA-Homepage om te zien welke voor u geschikt is. Het verschil is enkel voor de installatie; de configuratie werkt bij elke driver op dezelfde wijze.

Selecteer en installeer de gschikte NVIDIA driver voor uw kaart, b.v.:

# pacman -S nvidia-96xx

Het NVIDIA paket heeft een programma voor het updaten van uw bestaande /etc/X11/xorg.conf zodat er gebruik gemaakt kan worden van de NVIDIA driver:

# nvidia-xconfig

Het heeft ook een aantal opties welke voorzien in verdere specifictaies van de inhoud en opties van het xorg.conf bestand. Bijvoorbeeld,

# nvidia-xconfig --composite --add-argb-glx-visuals

Voor meer gedetailleerde informatie, zie nvidia-xconfig(1).

Enkele nuttige tweak opties in de device sectie zijn (houd er rekening mee dat deze op uw systeem wellicht niet werken):

       Option          "RenderAccel" "true"
       Option          "NoLogo" "true"
# Ik heb de volgende twee opties niet gevonden in de nvidia driver README.
# Waar zijn ze voor? Wat doen ze? Werken ze nog steeds? Zijn ze nuttig?
       Option          "AGPFastWrite" "true"
       Option          "EnablePageFlip" "true"

Zorg ervoor dat alle instanties van DRI commented out zijn:

#    Load        "dri"

Dubbelcheck uw /etc/X11/xorg.conf om er zeker van te zijn dat uw standaard depth, horizontal sync, vertical refresh, en resoluties acceptabel zijn.

Update de kernel module dependencies met behulp van /sbin/depmod:

# depmod -a

(Een herstart is wellicht nodig.) Verdere instructies voor nvidia configuratie kunnen gevonden worden in het NVIDIA artikel.

Ga door met Simpele baseline X test

ATI videokaarten

ATI bezitters hebben twee opties wat betreft drivers. Als u niet zeker weet welke driver u moet gebruiken, probeer dan eerst de open-source variant. De open-source driver voorziet in de meeste behoeften en geeft over het algemeen het minst problemen.

Installeer de proprietary ATI Driver met

# pacman -S catalyst

Gebruik het aticonfig programma op de xorg.conf aan te passen.

Installeer de open-source ATI Driver met

# pacman -S xf86-video-ati

Momenteel zijn de prestaties van de open-source driver nog niet op het niveau van die van de proprietary driver. Het heeft ook geen TV-out, dual-link DVI support, en de mogelijkheid voor andere eigenschappen. Aan de andere kand, het ondersteunt Aiglx en heeft een betere dual-head ondersteuning. Template:Box Note Gevorderde instructies voor ATI configuratie kunnen worden gevonden in de ATI wiki.

Simpele baseline X test

Op dit moment zou xorg geïnstalleerd moeten zijn, met een geschikte video driver en een /etc/X11/xorg.conf configuratiebestand. Indien u snel uw configuratie wilt testen, om er zeker van te zijn dat u X succesvol vanuit de command line kunt starten voordat u een complete desktop environment installeert, kunt u dit doen door xterm aan te roepen. Xterm is een zeer simpele terminal emulator die in de XServer environment draait; het wordt als deel van de basis xorg paketten geïnstalleerd. Gevorderde gebruikers die bekend zijn met het configureren van X kunnen er voor kiezen deze stap over te slaan.


Configuratie ~/.xinitrc

Een van de belangrijkste functies van dit bestand is het voorschrijven welke X Window client wordt aangeroepen met het /usr/bin/startx en/of /usr/bin/xinit programma op een per-gebruiker's basis. (Het startx script is slechts een front end voor het meer veelzijdige xinit commando.) Er zijn grote hoeveelheden extra configureerbare specificaties en commando's die ook kunnen worden toegevoegd aan ~/.xinitrc wanneer u uw systeem verder aan het configureren bent. Template:Box Note

startx/xinit zal de X server en clients starten. Om de te draaien client vast te stellen, zal startx/xinit eerst proberen het .xinitrc bestand in de home directory van de gebruiker te draaien. Wanneer het ~/.xinitrc bestand niet bestaat, wordt er teruggevallen om de standaarden vanuit de globale xinitrc uit dexinit library directory; /etc/X11/xinit/xinitrc, waarvan de standaarden zijn gericht op het gebruik van de TWM window manager. (Vandaar dat als u startx aanroept zonder een ~/.xinitrc file, er een TWM sessie start.) Verdere details zijn in de .xinitrc wiki entry te vinden.

Schakel over op een normale, non-root gebruiker:

# su - uwgebruikersnaam
  • /etc/skel/ bevat bestanden en directories om te voorzien in bepaalde standaarden voor nieuw aangemaakte gebruikersaccounts. De naam skel is afgeleid van het woord skelet, omdat de bestanden erin de basisstructuur bevatten voor de home driectories van gebruikers.
  • Indien u geïnstalleerd heeft met een verse (Core) install, bevat dit niet de X window manager, dus .xinitrc bestaat niet in /etc/skel. Gebruik in plaats daarvan het voorbeeld dat hier wordt gegeven.

Kopieer het voorbeeld xinitrc bestand vanuit /etc/skel/ naar uw home directory:

$ cp /etc/skel/.xinitrc ~/

Pas het bestand aan:

$ nano ~/.xinitrc

en voeg "exec xterm" toe zodat het hierop lijkt:

#!/bin/sh
#
# ~/.xinitrc
#
# Executed by startx (run your window manager from here)
#
exec xterm
# exec wmaker
# exec startkde
# exec icewm
# exec blackbox
# exec fluxbox

Template:Box Note Hieronder zal dit bestand opnieuw worden aangepast om de desktop environment/window manager van uw keuze in aan te geven.

Uitvoeren van de test

Test uw instellingen door X als normale, non-root gebruiker te starten, met:

$ startx

of

$ xinit

Er zou een xterm sessie geopend moeten worden. U kunt daarin uw keyboard en diens layout testen.

U kunt de X Server verlaten met Ctrl+Alt+Backspace, of door "exit" te typen. Indien u problemen ondervindt met het starten vanX, kunt u kijken of u errors terugvindt in het /var/log/Xorg.0.log bestand en op de output van de console vanuit waar u X had gestart.

Wanneer u de test succesvol kunt draaien en daarmee dus een goed geconfigureerde /etc/X11/xorg.conf heeft, bent u ervan verzekerd dat uw DE/WM soepel zal werken.

Gevorderde instructies voor Xorg configuratie kunnen worden gevonden in het Xorg artikel.

Deel III: Installatie en configuratie van een desktop omgeving

Terwijl het X Window Systeem de basis neerzet voor het opbouwen van een graphical user interface (GUI), werkt een Desktop Environment (DE) daar bovenop en kan in samenwerking met X in een compleet functionerende en dynamsiche GUI voorzien. Een DE voorziet doorgaans in een window manager, iconen, applets, vensters, toolbars, mappen, wallpapers, en een set applicaties en mogelijkheden zoals het verslepen van bestanden. De specifieke functionaliteiten en ontwerpen van iedere DE zullen elk op hun eigen wijze uw gehele omgeving en beleving beïnvloeden. Daarom is het uitkiezen van een DE een zeer subjectieve en persoonlijke overweging. Kies de omgeving die het meest aan uw wensen voldoet.

  • Indien u iets wenst wat compleet is en gelijkend aan Windows en Mac OSX, is KDE een goede keuze
  • Indien u iets wilt wat iets meer minimalistisch, wat het K.I.S.S. principe nauwer volgt, is GNOME een goede keuze
  • Xfce wordt doorgaans beschouwd als vergelijkbaar met GNOME, maar lichter en minder veeleisend betreffende systeembronnen, maar toch visueel aantrekkelijk en voorziend in een complete omgeving.
  • LXDE is een minimale DE gebaseerd op de Openbox window manager. Het voorziet in de meeste dingen die nodig zijn voor een moderne desktop terwijl het relatief zuinig is betreffende het gebruik van systeembronnen. LXDE is een goede keuze voor diegenen die een snelle manier zoeken om een gepreconfigureerd Openbox systeem te installeren.

Indien u een lichtere, zuinigere GUI wilt die u handmatig kunt instellen, kunt u ervoor kiezen slechts een Window Manager, of WM, te installeren. Een WM bepaalt de manier van plaatsen en het uiterlijk van applicatievensters in samenspraak met het X Window Systeem maar voorziet standaard niet in panels, aplets, iconen, applicaties, enz.

  • Lichtgewicht floating WM's zijn: Openbox, Fluxbox, fvwm2, Windowmaker, Pekwm, en TWM.
  • Als u iets compleet anders zoekt, kunt u proberen Awesome, ion, wmii, dwm, or xmonad.

Installatie van Fonts

Op dit moment kan het zo zijn dat u tijd wilt besparen door visueel aantrekkelijke, true type fonts te installeren, voordat u een desktop environment/window manger installeert. Dejavu en bitstream-vera zijn goede fontsets voor algemeen gebruik. U wilt misschien ook de Microsoft fontsets, die vooral populair zijn op websites.

Installeer met:

# pacman -S ttf-ms-fonts ttf-dejavu ttf-bitstream-vera

~/.xinitrc (opnieuw)

Als niet-root gebruiker, pas uw /home/gebruikersnaam/.xinitrc aan om de te gebruiken DE te specificeren. Hierdoor kunt u voortaan startx/xinit vanuit de shell gebruiken om de DE/WM van uw keuze te openen:

$ nano ~/.xinitrc

Uncomment of voeg de 'exec ..' regel toe van de te gebruiken desktop environment/window manager. Enige voorbeelden volgen hieronder:

Voor de Xfce4 desktop environment:

 exec startxfce4 

Voor de KDE desktop environment:

 exec startkde

Een startkde of startxfce4 commando start de KDE of Xfce4 desktop environment. Dit commande eindigt niet totdat u uitlogt van de DE. Normaalgesproken zou de shell wachten totdat KDE beëindigd is om vervolgens het volgende commando uit te voeren. Het "exec" voorvoegsel bij dit commando vertelt de shell dat dit het laatste commando is, zodat de shell niet hoeft te wachten op een opvolgend commando.

Let er op dat er slechts een uncommented exec regel in uw ~/.xinitrc aanwezig is.

Ga door hieronder, met het installeren van de DE/WM van uw keuze.

GNOME

Over GNOME

Het GNU Network Object Model Environment. Het GNOME project voorziet in twee dingen: het GNOME desktop environment, een intuïtieve en aantrekkelijke desktop voor gebruikers, en het GNOME ontwikkelingsplatform, een extensief framework voor het maken van applicaties die in de rest van de desktop integreren.

Installatie

Installeer de basis GNOME omgeving met:

# pacman -S gnome

Aanvullend kunnen de extra's worden geïnstalleerd:

# pacman -S gnome-extra

Het is veilig alle paketten te installeren die in het extra paket zitten.

Nuttige DAEMONS voor GNOME

Bedenk u dat een daemon een programma is dat op de achtergrond draait, wachtend op gebeurtenissen en aanbiedend van diensten. Sommige Xfce gebruikers hebben de voorkeur de hal daemon te gebruiken. De hal daemon zorgt, naast andere dingen, voor het automatisch mounten van schijven, optische schijven, en USB sticks/thumbdrives voor het gebruik in de GUI. De fam daemon voorziet in het real-time representeren van bestandsveranderingen in de GUI, direct toegang biedend tot nieuw geïnstalleerde programma's, of veranderingen binnen het bestandssysteem. De hal en fam paketten worden geïnstalleerd bij de installatie van Xfce, maar moeten worden aangeroepen om nuttig te zijn.

Starten van hal en fam:

# /etc/rc.d/hal start
# /etc/rc.d/fam start

Voeg deze vervolgens toe aan de DAEMONS sectie in /etc/rc.conf, zodat ze worden gestart bij het opstarten:

# nano /etc/rc.conf
DAEMONS=(syslog-ng network crond alsa hal fam gdm)

(Indien u er de voorkeur aan geeft in de console in te loggen en handmatig X te starten, laat gdm dan weg.)


Wellicht wilt een grafische login manager. Voor GNOME is de gdm daemon een goede keuze.

Als root:

# pacman -S gdm

Als normale gebruiker, start X:

$ startx

of

$ xinit

Als ~/.xinitrc niet voor GNOME geconfigureerd is, kunt u het altijd starten met xinit, gevolgd door het pad naar GNOME:

$ xinit /usr/bin/gnome-session

Gevorderde instructies voor het installeren en ceonfigureren van GNOME kunnen gevonden worden in het Gnome artikel. Gefeliciteerd! Welkom in uw GNOME desktop environment op uw nieuwe Arch Linux systeem! Indien u dit wenst kunt u verder gaan met Tweaks and finishing touches, of de rest van de informatie hieronder. Wellicht bent u ook geïnteresseerd in het Post Installation Tips wiki artikel.

Eye Candy

Standaar komt GNOME niet met veel thema's en iconen. Wellicht wilt u een wat aantrekkelijkere aankleding voor GNOME:

Een mooie gtk (gui widget) thema engine (bevat thema's) is de murrine engine. Installeer deze met:

# pacman -S gtk-engine-murrine

Zodra dit is geïnstalleerd, kunt u het selecteren in de System -> Preferences -> Appearance -> Theme tab.

De Arch Linux repositories bevatten ook een paar mooie thema's en engines. Installeer het volgende om dit zelf te kunnen zien:

# pacman -S gtk-engines gtk2-themes-collection gtk-aurora-engine gtk-candido-engine gtk-rezlooks-engine

U kunt nog veel meer thema's, iconen, en wallpapers vinden op GNOME-Look.

KDE

Over KDE

De K Desktop Environment. KDE is een krachtige Free Software grafische desktop omgeving voor GNU/Linux en UNIX workstations. Het combineert gebruiksgemak, It combines ease of use, eigentijdse functionaliteit, en uitstekend grafisch ontwerp met de technologische superioriteit van UNIX-achtige operating systems.

Installatie

Kies een van de volgende methoden, en ga dan door met Handige KDE DAEMONS:

1. Het kde paket is de officiële en complete vanilla KDE 4.1 en verblijft in de Arch [extra] repo.

Installeer dit eerst:

# pacman -S zlib shared-mime-info

Installeer met pacman:

# pacman -S kde

2. Als alternatief bestaat er een project genaamd KDEmod (hiervoor bekend als het Chakra project). Het is een exclusief voor Arch Linux, community-gedreven systeem, ontworpen voor moduleerbaarheid en biedt de keuze tussen KDE 3.5.10 of 4.x.x. KDEmod kan worden geïnstalleer met pacman, nadat de juiste repository is toegevoegd aan /etc/pacman.conf. De project website, welke de complete installatie instructies bevat, kan gevonden worden op http://kdemod.ath.cx/.

Nuttige KDE DAEMONS

KDE maakt gebruik van de hal (Hardware Abstraction Layer) en fam (File Alteration Monitor) daemons. De kdm daemon is de K Display Manager, die voorziet in een grafische login, indien gewenst.

Bedenk u dat een daemon een programma is dat op de achtergrond draait, wachtend op gebeurtenissen en aanbiedend van diensten. Sommige Xfce gebruikers hebben de voorkeur de hal daemon te gebruiken. De hal daemon zorgt, naast andere dingen, voor het automatisch mounten van schijven, optische schijven, en USB sticks/thumbdrives voor het gebruik in de GUI. De fam daemon voorziet in het real-time representeren van bestandsveranderingen in de GUI, direct toegang biedend tot nieuw geïnstalleerde programma's, of veranderingen binnen het bestandssysteem. De hal en fam paketten worden geïnstalleerd bij de installatie van Xfce, maar moeten worden aangeroepen om nuttig te zijn.


Starten van hal en fam:

# /etc/rc.d/hal start
# /etc/rc.d/fam start

Template:Box Note Pas uw DAEMONS rij aan in /etc/rc.conf:

# nano /etc/rc.conf

Voeg hal en fam toe aan uw DAEMONS rij, om ze bij het opstarten aan te roepen. Indien u de voorkeur geeft aan een grafische login, van dan ook kdm toe:

DAEMONS=(syslog-ng network crond alsa hal fam kdm)

Template:Box Note

  • Deze methode zal het systeem starten in runlevel 3, (/etc/inittab standaard, multiuser modus), en start vervolgens KDM als een daemon.
  • Indien u er de voorkeur aan geeft in te loggen in de console in runlevel 3, en handmatig X te starten, voeg dan kdm niet toe, of comment dit met een uitroepteken, ( ! ).

Probeer nu uw X server te starten als een normale gebruiker:

$ startx

of

$ xinit

Gevorderde instructies voor het installeren en configureren van KDE kunnen gevonden worden in het KDE artikel.

Gefeliciteerd! Welkom in uw KDE desktop environment op uw nieuwe Arch Linux systeem! Indien u dit wenst kunt u verder gaan met Tweaks and finishing touches, of de rest van de informatie hieronder. Wellicht bent u ook geïnteresseerd in het Post Installation Tips wiki artikel.

Xfce

Over Xfce

De cholesterolvrije X omgeving. Xfce is, net als GNOME of KDE, een desktop environment, maar is gericht op snel en lichtgewicht zijn terwijl visuele aantrekkelijkheid en gebruiksgemak bewaard blijven. Het bevat een verzameling aan applicaties zoals een root venster app, window manager, bestandsmanager, panel, etc. Xfce is geschreven met de GTK2 toolkit (zoals GNOME) en bevat zijn eigen ontwikkelingsomgeving (libraries, daemons, etc) net als andere grote DE's. In tegenstelling tot GNOME of KDE, is Xfce lichtgewicht en meer ontworpen rond CDE dan Windows of Mac. Het heeft een veel lagere ontwikkelingssnelheid, maar is zeer stabiel en snel. Xfce is uitermate gschikt voor oudere hardware, en zal eveneens uitstekend werken op nieuwere machines.

Installatie

Installeer Xfce:

# pacman -S xfce4 

U wenst misschien ook nieuwe thema's en extra's te installeren:

# pacman -S xfce4-goodies gtk2-themes-collection

Let op: xfce4-xfapplet-plugin (een plugin die het mogelijk maakt GNOME applets in het Xfce4 panelte gebruiken) is onderdeel van de xfce4-goodies groep and is afhankelijk van gnome-panel, welke op zijn beurt weer afhankelijk is van gnome-desktop. Dit is wellicht de moeite waard om in ogenschouw te nemen voordat u met de installatie begint, aangezien het een flink aantal extra dependencies met zich mee brengt.

Indien u na inloggen de 'Tips and Tricks' wilt bewonderen, installeer dan het fortune-mod pakket:

# pacman -S fortune-mod

Nuttige DAEMONS

Bedenk u dat een daemon een programma is dat op de achtergrond draait, wachtend op gebeurtenissen en aanbiedend van diensten. Sommige Xfce gebruikers hebben de voorkeur de hal daemon te gebruiken. De hal daemon zorgt, naast andere dingen, voor het automatisch mounten van schijven, optische schijven, en USB sticks/thumbdrives voor het gebruik in de GUI. De fam daemon voorziet in het real-time representeren van bestandsveranderingen in de GUI, direct toegang biedend tot nieuw geïnstalleerde programma's, of veranderingen binnen het bestandssysteem. De hal en fam paketten worden geïnstalleerd bij de installatie van Xfce, maar moeten worden aangeroepen om nuttig te zijn.

Starten van hal en fam:

# /etc/rc.d/hal start
# /etc/rc.d/fam start

Template:Box Note Pas uw DAEMONS rij aan in /etc/rc.conf:

# nano /etc/rc.conf

Voeg hal en fam toe aan uw DAEMONS rij, om ze bij het opstarten aan te roepen.

Gevorderde instructies voor het installeren en het configureren van Xfce kunnen worden gevonden in het Xfce artikel.

Indien u het wenst te installeren, zie toevoegen van een login manager (KDM, GDM, of XDM) om automatisch te starten bij het opstarten. Anders kunt u via de console inloggen en uit te voeren:

 $ startxfce4

Gefeliciteerd! Welkom bij uw Xfce desktop omgeving op uw nieuwe Arch Linux systeem! U bent wellicht geïnteresseerd in het Tips voor na de Installatie wiki artikel.

LXDE

Over LXDE

LXDE, (de Lightweight X11 Desktop Environment), is een nieuw project wat gericht is op het voorzien in een moderne desktop omgeving welke lichtgewicht, snel, intuïtief en functioneel is terwijl de gebruik van systeembronnen laag blijft. LXDE verschilt behoorlijk van andere desktop omgevingen, omdat ieder component van LXDE een discrete en onafhankelijke applicatie is, en gemakkelijk kan worden vervangen door een ander programma. Dit modulaire ontwerp rekent af met alle onnodige afhankelijkheden en voorziet in meer flexibiliteit. Details en screenshots zijn beschikbaar op: http://lxde.org/

LXDE voorziet in:

  1. De OpenBox windowmanager
  2. PCManFM Bestandsmanager
  3. LXpanel systeem panel
  4. LXSession sessiemanager
  5. LXAppearance GTK+ thema wisselaar
  6. GPicView image viewer
  7. Leafpad simpele text editor
  8. XArchiver: Lichtgewicht, snelle, en desktop onafhankelijke gtk+-gebaseerde bestand archiver
  9. LXNM (nog in ontwikkeling): Lichtgewicht netwerkmanager voor LXDE die ondraadloze verbindingen ondersteunt

Deze lichtgewicht en veelzijdige tools zorgen samen voor een snelle configuratie, modulariteit and eenvoud.

Installeer LXDE met:

# pacman -S lxde

Voeg:

exec startlxde

toe aan uw ~/.xinitrc en start met startx of xinit

Verdere informatie is beschikbaar in het LXDE wiki artikel.

*box

Fluxbox

Fluxbox © is nog een andere windwomanager voor X. Het is gebaseerd op de Blackbox 0.61.1 code. Fluxbox lijkt op blackbox en verwerkt stijlen, kleuren, vensterplaatsing en dergelijke op dezelfde wijze als blackbox (100% thema/stijl compatibiliteit).

Installeer Fluxbox met

# pacman -S fluxbox fluxconf

Indien u gdm/kdm gebruikt wordt er een nieuwe fluxbox sessie toegevoegd. Anders is het nodig het .xinitrc bestand van de gebruiker aan te passen door het volgende toe te voegen:

exec startfluxbox

Meer informatie kan worden gevonden in het Fluxbox artikel.

Openbox

Openbox is een volgzaam aan de standaarden, snelle, lichtgewichte, uitbreidbare window manager.

Openbox werkt met uw applicaties, en maakt het desktop beheer eenvoudiger. Dit komt omdat de gebruikte aanpak voor de ontwikkeling het tegenovergestelde was van dat wat gebruikelijk was voor window managers. Openbox werd in de eerste plaats zo geschreven dat het aan de standaarden zou voldoen en goed zou werken. Pas toen dat in orde was is het team zich gaan richten op het visuele aspect.

Openbox is volledig functioneel als op zichzelf staande werkomgeving, of kan worden gebruikt als een vervanger voor de standaard window manager binnen de GNOME of KDE desktop omgevingen.

Installeer openbox met

# pacman -S openbox

Extra configuratie programma's zijn ook beschikbaar, indien gewenst:

# pacman -S obconf obmenu

Zodra openbox geïnstalleerd is krijgt u het bericht menu.xml & rc.xml te verplaatsen naar ~/.config/openbox/ in uw home directory:

# su - uwgebruikersnaam
$ mkdir -p ~/.config/openbox/
$ cp /etc/xdg/openbox/rc.xml ~/.config/openbox/
$ cp /etc/xdg/openbox/menu.xml ~/.config/openbox/

rc.xml is het hoofdconfiguratiebestand van Openbox. Het kan met de hand worden aangepast, (of OBconf kan worden gebruikt). menu.xml configureert het rechtermuisknopmenu.

U kunt inloggen in Openbox via de grafische login van KDM/GDM, of vanuit de shell met startx, waarbij u dan het ~/.xinitrc bestand (als niet-root gebruiker) moet hebben aangepast door het volgende toe te voegen:

exec openbox-session

U kunt OpenBox ook starten vanuit de shell met xinit:

$ xinit /usr/bin/openbox-session
  • Openbox kan ook worden gebruikt als de window manager van GNOME, KDE, en Xfce.

Met KDM hoeft u niets meer te doen; openbox is opgenomen in de lijst met sessies in het menu van KDM.

Enkele handige, lichtgewichte programma's voor OpenBox zijn:

  • PyPanel of LXpanel als u een panel wilt
  • feh als u een achtergrondafbeelding wilt instellen
  • ROX als u een simpele bestands manager wilt (voorziet ook in enkele simpele iconen)
  • PcmanFM voor een lichtgewicht maar veelzijdige bestands manager (voorziet ook in functionaliteit met desktop iconen)
  • iDesk (beschikbaar in AUR) voorziet in desktop iconen

Meer informatie is beschikbaar in het Openbox artikel.

fvwm2

FVWM is een extreem krachtige ICCCM-volgzame meervoudig virtueel desktop window manager voor het X window systeem. De ontwikkeling is actief, en de ondersteuning is uitstekend.

Installeer fvwm2 met

# pacman -S fvwm 

fvwm wordt automatisch opgemomen in het sessiemenu van kdm/gdm. Voeg anders

exec fvwm 

toe aan uw gebruiker's .xinitrc.

Browser, Codecs, Video Speler & Handige Applicaties

Web Browser

De immer populaire Firefox web browser is beschikbaar via pacman, ondanks dat het niet de officiële merknaam draagt. Daarom heeft het programma dezelfde naam als de codenaam van de ontwikkelversie, Gran Paradiso, wanneer het geopend is.

Installeer met:

pacman -S firefox

Plugins

Zorg ervoor dat 'flashplugin', 'mplayer', en de 'codecs' paketten zijn geïnstalleerd voor een complete webervaring:

pacman -S flashplugin mplayer codecs

Voor newbies: als u de x86_64 versie van Arch Linux installeert gebruik dan niet, zoals hierboven aangegeven, de flashplugin optie in pacman, dit zal een error veroorzaken. Adobe biedt een 64 bit versie aan van de flash plugin. Zie Install_Flash_on_Arch64

  • Let op Ik kon enkel de plugins werkend krijgen door voor alles in '/usr/lib/mozilla/plugins' een expliciete verwijzing te maken naar '~/.mozilla/plugins', met 'mkdir ~/.mozilla/plugins && ln -s /usr/lib/mozilla/plugins/* ~/.mozilla/plugins'

(Het codecs paket bevat de meeste codecs, inclusief die voor Win32, Quicktime en Realplayer9 bestanden.)

Gecko Media Player

Een goede vervanging van de verouderde mplayer-plugin, is Gecko Media Player. Stabieler gecombineerd met MPlayer 1.0RC2. (Geen crashes meer met Apple Trailers.)

pacman -S gecko-mediaplayer

(Let op! Zorg ervoor dat de mplayer-plugin verwijderd is wanneer u deze eerder heeft geïnstalleerd.)

VLC

VLC Player is een veelzijdige multimedia speler die om kan gaan met veel verschillende formaten, van zowel schijven als van bestanden. Het biedt ook de mogelijkheid multimedia over LAN te streamen. Installeer het met:

pacman -S vlc

De libdvdcss library voorziet in DVD decodering voor gecodeerde DVD's. Let er op dat het gebruik van libdvdcss in uw land legaal is!

pacman -S libdvdcss

Nuttige Applicaties

Voor meer apps, zie Nuttige Applicaties.

APPENDIX

Zie Beginners Guide Appendix [link title]